is toegevoegd aan uw favorieten.

Geschiedkundig onderzoek wegens de kennis, die de ouden hadden van Indie.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

434 ONDERZOEK

AANHANGZEL.

minen, die, als Bedienaars van den Godsdienst , in alle volvoeringen van denzelven, den voorrang hebben, zyn boven alle andere rangen van Menfchen verheeven, als van eene afkomst niet alleen edeler , maar ook voor heilig erkend. Zy hebben onder elkander een geregelde Kerkheerfchappy en Rangfchikking, die, door het verzekeren der Ondergefchiktheid in honne eigene Orde, meer gewigts aan hun gezag byzet,en hun eene volflaagener heerfchappy geeft over de gemoederen des Volks. Deeze Heerfchappy onderfchraagen zy door de befchikking over de onmeetelyk groote inkomften , waar mede de milddaadigheid der Vorften , en de Godsdienstyver der Bedevaardgangeren en Boetelingen, hunne Pagodas verrykt hebben (V).

Verre is het van myn oogmerk verwyderd , om in een breedvoerig verflag te treeden , ten aanziene van dit groot een zeer zamengevoegd Scelzel van Bygeloof. Eene pooging, om de menigte van Godheden , die tot Voorwerpen van Aanbidding in Indie ftrekken, op te tellen; om den luister van den Eerdienst in hunne Pagodas, en de verbaazende verfcheidenheid van hunne Plegtigheden en Tempelgebruiken, te befchryven; om de onderfcheidene hoedanigheden en verrigtingen, welke Priesterbedrog, of Volksbygeloof, aan hunne Godheden heeft toegefchreeven, op te haaien; en inzonderheid wanneer

(y) Rog er, Por te Ouverte, p. 30. aop. &c.