is toegevoegd aan uw favorieten.

Nieuwe overzetting des Ouden Testaments met aanmerkingen voor ongeleerden.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

33* DE PROFEET EZECHIËL.

af te weiden : | voorzeg gij daarom aan 6 het land van Israël, en fpreek tot de bergen , heuvels , bronnen en dalen , dus fpreekt de Heere Jehova, in mijn ijver en toorn heb ik dit gefproken, dewijl gij den fmaad van andere volken draagen moet;| daarom fpreekt de Heere, Jehova: ik heb 7 mijne hand tot den eed opgeheven, dat de volken, die rondom u woonen, zelf hun eigen fmaad zullen draagen. J Dan zult gij 8 bergen Israëis loofrijk Haan , en voor mijn volk Israëis vrugten draagen, want fchielijk zal het wederkomen. | lk zal mij tot u wen- 9 den, en zeer goedgunftig op u zijn, gij zult gebouwd en gezaaid worden ;|ik zal u volk- I© Tijk maaken, bewoond van het geheele volk Israëis, de lieden zullen bewoond , en 't geen nu in puin ligt, weder opgebouwd worden. | De meifchen zal ik op u vermenig* n vuldigen, en de kudden talrijk maaken, zij zullen zig vermeerderen en vrugtbaar zijn, ik zal u weder zo bewoond maaken , als eertijds, en u meêr goed doen, dan voorheen, en gij zult gewaar worden, dat ik Jehova ben.| Ik zal menfchen, mijn volk Israëis, 12 op u laaten rondgaan,zij zullen u bezitten,

gij

Jen moeten aanmerken, dat het gewoone lot van het verwoeste, of zonder befcherming zijnde Palestina is dat de nabuurige rondtrekkende herders met hunne" kudden daar inkomen , en dit fchoone land tot eene enkele dreef maaken, die zij afweiden. Nog heden rot op dezen dag is dit het bedrijf der Arabifche E« Biirs en Horden.