is toegevoegd aan uw favorieten.

Nieuwe overzetting des Ouden Testaments, met aanmerkingen voor ongeleerden.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Cap. XI. n

ten dien zal u alles zvat, onder 't gevleugelde, middel flagtig is en op vier voeten gaat, onrein zyn, Gy zult u , door 't zelve, voor verontreinigd hou- 24 den - al wié het aanraakt, na dat het ge/torven is, zal', tot aan den avond toe , onrein zyn; en al 25 wie het, na dat het geftorven is,wegdraagt ,(a)

zal

woordigheid ,te willen toebereiden en opeeten. De Arabier vondt het in 't eerft belachlyk, dat hy er hem éénen aanboodt, en zeide; 't was een al te gering onthaal en der moeite niet waard. Dan na dat men hem had doen begrypen, dat men alleen wilde zien, hoehyzeat, lei hy derri^mkhaan , op eene kool, en liet er dien zoo lang op , tot dat er de vleugels van afgezengd en't lichaam een weinig gebraden wai, en at hem toen op. In Arabien ontmoetteden de Heeren Forskal en Niebuhr eenen man, die een geheelen zak vol fprinkhaanen, op 't gebergte, verzameld had. De Heer torskal liet hem niet gaan, voor dat hy de fprinkhaanen zelfs had gezien, en alles naauwkeurig onderzogt; men was gewoon ze te laaten droogen, enzedan, tot fpys, tebewaaren. Te Baifora zag men ze zelfs gaarn tegemoet, om ze

tot fpys te eebruiken. " Dat Johannes de Dooper

fprinkhaanen'at,leezen wy in't Evangelie ; en men hoeft zeeker den zin van den text niet te verdraai]en, om dat wy geene fprinkhaanen eeten. Alles komt hier, op de gewoonte, aan. Wat zou iemand , die 't niet gewoon was , tog wel van *t eeten van Kikvorfchen-pootjes, Caracollen, Snippendrek &c. zeggen? '

(a) Te w. Om het te begraven. Deeze wet ondertusfchen, volgens welke men, door de enkele aanraaking van 't aas van een onrein dier, zelf onrein werdt, noodzaakte de Israëlieten, deeze aazen, die zoo veel bederf inde lugt veroorzaaken kunnen, niet bloot te laaten liggen, om niet telkens bloot gefteld te zyn aan 't gevaar van ze, in t voorbygaan. aan te raaken. Er moeft derhalven, op de begraving deezer aazen, worden gepaft; en de geen, die ze, by deeze verrigtiug,aanraakte ,om zig zeiven en anderen,by vervolg voor 't gevaar van herhaalde verontreiniging, te bawaaren, was wel verre van, daar door, eenig kwaad te