is toegevoegd aan uw favorieten.

Nieuwe overzetting des Ouden Testaments met aanmerkingen voor ongeleerden.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Cap* XXII. 195

dewijl hij ongeluk over u bejloten heeft. Hier 24 track Zedekia, de zoon van Kanaana, toe,en Micha op het kinnebakken flaande , zeide hij: welke poort is de Godlijke loorzeggingpan vtij nu gegaan, om door u tefpreken? Micha 25 zeide: gij zult het zelf zien, wanneer gij uit de ééne kamer in de andere loopt, om u te verflekeni De Koning beval: neemt Micha en 26 brengt hem tot Ammon, den Stads Hoofdman; en den Prins Jocis, beveelt in mijn' naam, hem 2/ in de gevangenis te zetten, op brood en water, alleen naar de hoogfte nooddruft, tot dat ik gelukkig weder te rug kom. Micha fprak: In- 28 dien gij gelukkig terugkomt, dan heeft jehova mij niet gezonden! en voegde er bij: Hoor dit, gij geheele hier omjlaande volk!

De Koning van Israël en de Koning van 29 Juda deeden nu den togt tegen Ramoth in Gilead. De Koning van Israël zeide tot 3° Jofafat: lk zal verkleed in den jlag gaan, maar trek gij uwe Koninglijke kleederen aan : en dus ging de Koning van Israël verkleed in den flag. De Koning van Sijrië hadt aan 3t de Overften van zijne wagenen, waar van hij er tweeën dertig hadt, bevel gegeven, op niemand, groot of klein, den aanval te doen, dan enkel en alleen op den Koning van Israël. Toen zij nu Jofafat zagen , 32 meenden zij, dat hij de Koning van Israël was, en wendden zich tegen hem , om den aanval te doen. Jofafat begon te fchreeuwen , en toen de Overften der wa- %% genen zagen , dat hij de Koning van Israël *° Na niet