is toegevoegd aan uw favorieten.

Nieuwe overzetting des Ouden Testaments, met aanmerkingen voor ongeleerden.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Cap. XXXIV.

63

paslood zijn. | Men zal den adel roepen, u om den throon weder te beklimmen, doch daar zal 'er geen zijn, en alle zijne Vorsten zullen verdweenen zjjn. | In alle paleizen 13 zullen doornen wasfen, en onkruid en wil-* de pruimen op hunne kasteelen: het land zal eene wooning der draaken, een verblijf der ftruisvogels zijn. | Wilde Katten en 14 Jjjim zullen elkander ontmoeten, en deéé ne boschduivel den anderen toeroepen: hier zullen fpooken te huis zijn, eneeneonge-

ftoor-

vs. 13. 14] Men vergelijke de gelifke befchrijving van het verwoeste Babyion, Cap XW: 21.22.

Ijjm) Dit woord heb ik hier behouden, dewijl de betekenis te onzeker, en alles, wat tot hieitoe tot deszelfs verklaaring gezegd is, zeer onwaar, fchijnlijk is. Cap. XW: 22: heb ik het door jlan. gen overgezet, waarvoor ik de rede in aanmerkingen voor ongeleerden niet kan bijbrengen, zonder voor hun verveelend te worden: ditmaal waadde ik het niet, dewijl wilde katten en (langen niet wél bij malkanderen fcheenen te pisfen. Ik beken, dat de betekenis der beide woorden nog zeer onzeker is.

Spookeri\ Wanneer in eene dichterlijke befchrijving van eener volfiagen verwoesting fpooken voorkomen, zo is het zekerlijk des dichters meening niet. de leerftell;ng te verdedigen, dat'er wezenlijk fpooken zijn, maar hij befehrijft Uegts de woeste plaats, gelijk zij aan de verbeelding der menfehen voorkomt. Uit de Itaande gebleeven ftukken van oude kasteelen, waardoor de wind zijn doortogt heeft, en waarin allerlei Dieren woonen, komen 's nachts klanken, waarvan de vreesachtige geenj oorzaak weet, en 29 daarom voor het zugten of