is toegevoegd aan uw favorieten.

Algemeene oefenschoole van konsten en weetenschappen. Derde afdeeling. Behelzende de weetenschappen die niet wiskonstig, en onder den naam van fraaije letteren bekend zyn.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Rederykkonst 451

scheidenheden. Hy heeft zich nog maar een oogenblik vertoond, en men kent hem reeds volkomen. Het klugtige is zigtbaar in de weinige trekken, welken wy bygebragt hebben : deeze gierigaart is vreesagtiger en beschroomder dan de vrekken gemeenlyk zyn. En uit het opgegeeven staaltje kan men begrypen dat het jammer is dat de jonge luiden deezen vernuftigen en bevalligen schryver maar weinig kennen.

TERENTIUS.

terentius heeft blyspelen van eenen gantsch anderen aart dan die van Plautus. Zyne stukken zyn tafereelen van het burgerlyke leeven: tafereelen, welker voorwerpen met smaak uitgekoozen , konstig geschikt, en bevallig en fraai geschilderd zyn. Overal is hy deftig , en is omzigtig en zedig wanneer hy lacht; hy schynt dus op het tooneel eveneens te zyn; als de romeinsche vrouw, van Welke Horatius spreekt, in den gewyden dans was, altyd schroomende voor de berispingen van luiden van smaak: de vrees van te ver te zullen gaan houdt hem binnen behoorlyke paalen. Hy is keurig, deftig, beschaafd, bevallig: waarom (zeide Cesar) had hy by die bekwaamheden ook de gaaf niet om te boerten. Het was (naar het zeggen van dien keizer) te beklaagen, dat in stukken, waar in de taal en wyze van spreeken zoo meesterlyk en bearbeid waren, boerteryen ontbraken. De digter was een al te goed man, om zich die bekwaamheid eigen te maaken: want zy vooronderstelt zeer veel scherpzinnigheids, en een weinigje kwaadaartigheids. De konst om de menschen belachlyk te maaken grenst vry na aan die om hen in een haatelyk ligt te doen voorkomen. De digter heeft zyn persoonlyk karakter in zoo verre in zyne werken doen overgaan, dat zy haast niet tot den rang van blyspelen te brengen zyn. In veele plaatsen van dezelven ontbreekt 'er niets aan dan de verhevenheid en het gewigt der onderwerpen, om ze tot treurspelen te Ff 2 maa-