Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

5o DE NATUU1LYKE HISTORIE,

BESCHRTVING VAN DEN WOLF.

3!^J*Üen kan de onderfcheidende kentekens van het maakzel van den % #? wolf, met betrekking tot andere dieren, niet herkennen dan door «F iVl % hem met den hond te vergelyken, omdat hy meer naar dezen dan naar eenig ander dier gelykt. Maar daar zyn zo veele verfcheidenheden tuffchen de onderfcheiden raffen van honden, dat dit voorwerp van vergelyking voor het oog van den waarneemer van gedaante verandert. By vder geflagt, by ydere voortteeling, ziet men yerlchillen in^ de gedaante des lighaams en in de hoedanigheid van het hair der baltaarahonden; elk gedeelte des lighaams wordt langer of ingedrongener, dikKei ot fpigtiger; het hair groeit al te weelig, of ontbreekt geheel, en de kleuren neemen allerhande foorten van tinten aan, enz f». De kentekenen va het uitwendig maakzel der honden dus daaglykfeh vermenigvuldigende en met derzelver raffen toeneemende, vindt men byna met één aannoudena verfchil tuffchen den hond en den wolf; maar indien er wilde honden beftonden, zouden de kentekenen van derzelver foort zig zonder verandering vertoonen, en zouden beftendig zyn gelyk die van de wolven; dan zoude men eerft de verfchiilen kunnen bepaalen, die tuffchen deze wee fooiten van dieren plaats hebben. Om het gebrek van wilde honden, als een model befchouwd , te gemoet te komen , kan men onder de tamme honden dezulken uitkiezen, die het meelt naar den wolf gelyken.

De wolfhond is ook dus genoemd geworden omdat men aan denzelven eene groote gelykheid met den wolf bevonden heeft, door de lengte van zyn hair en van zynen bek, en door zyne regtopftaande ooren; de herdershond heeft tennaaftenby dezelfde kentekenen, maar de wagthond en de groote deen hebben nog meer overeenkomften met den wolf door hunne grootte en de evenredigheden hunnes lighaams, fchoon zy kort van hair zyn en de ooren gedeeltelvk hangende hebben. Men weet dat de lengte van liet nair van de getemperdheid der lugtftreek afhangt, en de hangende ooren zyn een uitwerkfel van den Haat van tamheid volgens het gevoelen van den Hr de Buffon, dat op veele waarneemingen .gegrond is (by, de wagtnonden en de deenen zyn gevolgelyk meer van de foort van den hond verbafterd dan de wolfhonden en de herdershonden, de wagthonden en de deenen fchynen my evenwel toe meer naar de wolven te gelyken door net aanzien van hun lighaam, en dit is de reden waarom ik in de befchryving van den wolf den wagthond tot een voorwerp van •vergelyking neemen zal , te meer dewyl hy ook ten onderwerpe voor die van den hond gediena heeft (c).

(a) Zie de befchryving van den hond, V. Deel van dit Werk. (6) Zie het V Deel van dit Werk, blz. i8ö. (c) lbid. blz. 137.

Sluiten