is toegevoegd aan uw favorieten.

De algemeene en byzondere natuurlyke historie, met de beschryving van des konings kabinet.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

i6o DE NATUURLYKE HISTORIE,

ftand van zyn agterften rand geplaatft, die in het onderfte gedeelte uitgefheeden. is.

Het armbeen was van voren bolrond over de lengte van het onderfte middelgedeelte ; twee graaten of kleine verhevenheden vereenigden zig op deze bolrondte; de. eene ftrekte zig uit op het voorfte van het been tot aan deszelfs boveneinde; de andere was fchuinfch, en verdween op de buitenzyde van het bovenft middel-gedeelte,van het been.

De ellepyp was over haare lengte bolrond naar voren, en het armbeen was holrond over zyne binnenzyde, hetzelve onderllellende in een ftaat van vooruverbuiging te zyn, zo dat deszelfs onderft gedeelte gelyklynig of evenwydig ware met de ellepyp; en het bovenft gedeelte was fchuinfch naar .voren van dit been gerigt.

Het dijebeen is zeer lang naar evenredigheid der beenderen van den poot; daar was een graat op de binnenrand der agterfte zyde; het fcheenbeen,en het kuitbeen zyn zeer kort.

Daar zyn drie.beenderen in den eerften ry van de voorhand; het grootft was,onder het ftraalbeen,,het tweede onder de ellepyp, en het derde buiten den ry: de tweede ry beftondt uit vier beenderen; de drie eerften bevonden zig elk boven een der drie eerfte beenderen van de agterhand, en het vierde been van de voorhand gedeeltelyk boven het vierde en gedeeltelyk boven het vyfde van de agterhand.

De voorvoet heeft zeven beenderen, even als by de meefte dieren ge>plaatft.

De beenderen .van de agterhand en der vingeren van de voorfte voeten zyn ten naaftenby zo lang en zo dik als die van den agtervoet en der vingeren van de agterfte voeten.

voeten, duimen,lynen.

Lengte van den kop van het einde des bovenften kaakbeens tot

aan 't agterhoofd . . . . i. o. g.

De grootfte breedte van den kop .. .. . o. 7. o.

Lengte van het onderft kaakbeen van zyn voorfte einde tot aan den agterften rand van het knokkelwyze uitfteekzel . . o. 8. 6.

Breedte van het onderft kaakbeen ter plaatfe van de hondstanden, o. 1. 10.

Breedte ter plaatfe van den bogt der takken .. . . o. 2. 11.

Afftand tuflchen de knokkelwyze uitfteekzels . o. 2. 6.

Dikte van het voorfte gedeelte van het bovenft kaakbeen .- . . o. o. 3.

Breedte van dit kaakbeen ter plaatfe der fnytanden . . o. 1. 8.

Breedte ter plaatfe van de hondstanden . . o. 2. 10.

Lengte yan de bovenfte zyde . ... o. 5. o.

Afftand tuflchen de oogputten en de opening der neusgaten . . . o. 2. 7.

Lengte dezer opening . . . . o. 1. 9.

Breedte . . . . . o. 1. 10.

Lengte der. eigenlyke neusbeendcren ... o. 2. 9.

Breedte aan de breedfte plaats . . o. 0. 8j.

Breedte der oogputten . . . . o. 1. 3.

Hoogte . . .. . . o. 1. 10.

Lengte der langfte fnytanden buiten het been . . o. 1. 4-

Breedte aan de bafis . • . . .0.0. 10.

Lengte