is toegevoegd aan uw favorieten.

Vervolg op M. Noël Chomel. Algemeen huishoudelyk-, natuur-, zedekundig- en konstwoordenboek [...]. Zynde het VIII.(-XVI.) deel van het woordenboek.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

91 ACHTERKLAP.

©ngelyk niet , met zyn misdaad in haare waare verfoeiielykheid af te fchilderen. 'c Is onherftelbaar met zyn' goeden naam gedaan, zonder ons minde toedoen, en de overdenkingen, die daar opgemaakt worden, kunnen 'hem geen fchaade, en anderen mogelyk voordeel toebrengen. Dusdanig gedrag, by gevolg, omtrent zo een ontwyfelbaar Booswigt, moet van allen Achterklap worden vrygepleit, indien men zich maar niet baad, en kittelt, in eens anders fchelmdukken, en met eeu zondig foort van verlustiging, alle derzelver omdandigheden uitpluist, en voor den dag brengt. In een andere gelegenheid daat het niet alleen vry, maar is het ook onwederfpreelcelyk pligtig, kwaad van zynen evenmenfch te zeggen, zelv zonder de allergeringde agterhouding; namentlyk, als men voor den wettigen Rechter onder ééde gehoort wordt, om als Getuigen, diptelyk en omdandiglyk te verklaaren, al 't g*«;n men weet aangaande de misdaad van een befchu'.digden , en zelvs aangaande zyne ganfche leevenswyze. Doch zelvs in die gelegenheid kan men zich aan kwaadfpreekendheid fchuldig maaken , wanneer men, by voorbeeld, 't zy door moetwil, aan 't geen men verhaalt, een baatelyken draai geeft; en inzonderheid , wanneer men zich niet ontziet van zelvs waarfchynelyke reflexien te maaken, omtrent de verfoeijelyke grondbeginzelen, en beweegredenen , die oorzaak hebben kunnen zyn der misdaad, waar van de natuur en omdandigheden onderzogt worden. Dus handelende vervalt men baarblykelyk van een buiten, gemeen geval, 't welk de noodwendigheid van rechtspleeging rechtvaardig en billyk maakt, tot een ordinair en burgerlyk geval, en men misdoet even eens of het zelve gefchiedde in de gemeene en dagelykfche t' zaamenleeving. Immers fpat men als dan uit buiten bet bereik van 't geen ons afgevordert wordt, door de wettige Vierfchaar, die alleen maar van ons eischt een omdandige en bloote opening van 't geen wy gezien en gehoort hebben, en met de klaarde zekerheid weeten; en, geenzins van voorneemen is geweest, ons onder ééde te verbinden , om in haar plaats te treden, en den oorfprong van de uitwendige onwettigheid door onze fchynbaare, doch onfeilbaaie fpeculatien, cn raadzelen na te vorfchen. Zulks nogthands ongevergt te verrigten, is niet alleen een wezentlyke Achterklap , maar zweemt zelvs, gelyk uit het vervolg blyken zal, zeer derk naar Laster, ten minde, wat de uitwerkingen, en de gevolgen betreft.

Waar in bedaat dan eigentlyk de zondigheid van den Achterklapt nergens anders in, dan in een gebrek van verfchuldigde Menfchlievendheid, waar door men 't geen waar is, of 't geen men vermeind waar te wezen, en den Evenmenfch van zyn dierbaare reputatie kan berooven , of de eerde de werelt ontdekt'; bet gerugt, dat 'er van loopt, de behulpzaame hand bied, tot deszelvs verfpreiding en gemeenmaaking het zyne bybrengt, en aldus anderen behandelt, gelyk men met recht kan vorderen van anderen niet behandelt te worden.

Om zulks door handtastelyke bewyzen, en leevendige voorbeelden , te beweeren; zal ik my niet verwaardigen gewag te maaken van zekere Vuillikken, welker boosaardigheid om zich te vergenoegen niets beters weet uit te voeren, dan geheele mestkarren, om zo te fpreeken, met Achterklap gevult, de ganfche Stad door .te laaden, om de zeiven pp andere

ACHTERKLAP.

plaatzen weder uitte gaan dorten; niemant, die maar eenig denkbeeld van eer en deugd bezit, kan het onedel Karacter van zulke Eerdieven anders aanzien, dan met de vieste naauwkeurigheid een vergelyking uitleverende, met de natuurlyke hoedaanigheid van een veragtelyk Zwyn, die den drek van andere Dieren met de uiterde gretigheid opllorpt, om den zeiven als zyn eige vuiligheid zich weer kwyt te maaken. Die met dusdaanigen drek omgaat, word 'er wel degelyk, volgens het oude en wyze fpreekwoord , mede befmet. Neen; myn voorneemen is om hier myne opmerkingen toe te p3sfèn, op lieden, die voor hupsen eerlyk by de werelt, in andere opzigten, kunnen te boek daan, die hun werk van den laagen Achterklap niet maaken; en 'er, door aanleiding, niet in vervallen, ten zy ze zich verbeelden welgegronde waarheden tot deunfel van hun gezag te hebben. Deezen zyn niet alle even fchuldig. Die het best kunnen verfchoont worden zyn die genen , die omzigtig en bedaart genoeg van gemoed zyn, om niets in het licht te brengen, dat zy door een voldoende onderzoek niet in daat zyn met de bondigde vastigheid te kunnen verzekeren. Zo deszen nogthands geenzins buiten fchuld zyn, zullen d' anderen wiskundig zich op geenerlei wyze kunnen verantwoorden.

Dat nogthands der eerden gedrag zondig is, en drydig met de broederlyke liefde voor den Evenmensch, gelyk ook met de op reden gegronden wensch, van op die wyze van anderen niet behandeld te worden, is, zo dra het maar met aandagt word ingezien, zo klaar als de baarblykelykde bewyzen zelv, waar mede het zou kunnen opgeheldert worden. Hier fchiet my nogthands een derde uitzondering te binnen, door dewelke de verbreiding van eens anders wangedrag , en ondeugden, niet alleen onzondig, maar ook verdiendig kan worden, vermidsze, in plaats van deMenschlievendheid om ver te werpen, de bandhaaving van de menfehelyke t' zamenleeving tot haar oogmerk heeft. Deeze uitzondering heeft plaats omtrent ondeugden, die hunnen invloed hebben op de belangen van anderen, en aan de gemeene Maatfchappy kunnen verderflyk zyn. Iemant by voorbeeld heeft zyne booze zielsgeftalte zo wel door een utterlyke ingetogenheid weeten te vernisfen, dat hy by een ieder voor een Heilig te boek daat, en ieders onbekommert vertrouwen tot zich trekt. Het is my egter gelukt den mantel van Schynheiligheid op te ligten, en het Monster onder denzelven verborgen met de ontwyffelbaarda duidelykheid te ontdekken. Wie ziet hier niet, dat de befcheideriheid die ik omtrent zo een Bedrieger kwanfuis uit Menschlièvendheid gebruiken zou, met door dilzwygen hem het genot van zyne onverdiende goede naam te laaten behouden, my niet alleen aan liefdeloosheid , maar zelv aan vyandfehap tegen de menfehelyke t' zamenleeving zou fchuldig maaken, en dat 'et een voldrekte verplichting op my legt de drikken , die zo een Godvergeete Mensch, met zo eene verfoeijely* ke behendigheid, aan de goede trouw der mede Ingezetenen gefpannen heeft, aan ieders gezigt te ontdekken, en bloot te leggen.

Het eerlykfte foort van Achterklappers , die op gewisfe gronden van waarheid hun k waad fpreeken, by gelegentheid, bouwen , is niet zeer talryk, en kan het natuurlyker Wyze ook niet wezen, vermids die lieden geen grooter recht op de onfeilbaarheid hebben „ aIs

?ee-