Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ji2 BEZWYMING.

hevig zyn, en in welken de pols niet veel verandert.

Wanneer de Lyder zyn gevoel en kennis ten eenemaalen verliest, verzelt van eene zeer groote verzwakking van den Pols, is zulks de tweede trap van Bezwyming, en deezen toeftand wordt Hartsvang {Syncope) genaamd.

Is de Bezwyming van dien aart, dat de Pols geheel weg is, de Ademhaaïing niette befpeuren, het Lighaam koud, en het Aangezicht bleek een blaauw is, wordt deeze laatfte trap, die zeldzaam, maar het waare beeld van den Dood'is, en die fomtyds in denzelven eindigt, doodelyke Onmagt (Asphyxia) genaamd.

Veele en zeer verfchillende zyn de oirzaaken der Bezwymi igen, wy zullen 'er enkel de voornaamften van opnoemen en befchryven ; deezen zyn. i. Te veel Bloeds. 2. Gebrek aan Bloed, en in't algemeen zwakheid. 3. Ongefteltheid der Maag. 4. Zenuwkwaaien. 5. Gemoedsaandoeningen. 6. Sommige Ziektens.

Van zodaanige Bezwymingen die door te veel Bloeds worden veroirzaakt.

Overtolligheid van Bloed is niet zeldzaam eene oir'zaak van Bezwyming: en men oordeelt, datzy van deeze oirzaak afbaögt, wanneer bloedryke, fterke, kloeke Menfchen 'er door worden aangetast, inzonderheid wanneer zulks gebeurt, na eenige oiizaak die in ftaat is om eensklaps de beweeging van het Bloed te vermeerderen, zo als by voorbeeld verhittende fpyzen of dranken, wyn, fyne wateren, koffy; dranken warm gedronken als thee, melisfe enz.; een lang verblyf in de Zon , of in eene heete plaats, fterke beweeging, te langduurige Letteloeffeningen, en eenige Gemoedsaandoeningen. Ook kondigen zich de Bezwymingen uit deeze oirzaak ontftaande, altoos aan, door eene leevendige roodheid, en zwelling van '-t Aangezicht. De hulpmiddelen in dit geval zyn, dat men den Lyder azyn laat opfnuiven, hem het Voorhoofd, de flaapen van 't Hoofd, en den Pols 'er mede wascht, na dat men denzelven met de helft warm water vermengd heeft. De geestige wateren zyn fchaadelyk in deeze Bezwyming. Voorts Iaat men twee-of drie lepels vol Azyn doorllikken met vier of vyfmaal zo veel water. Men haalt de Kousfebanden onder de Knie zeer vast 10e, om dat men door dit middel eene groote hoeveelheid van Bloed, in de Beenen houdt, en het Hart wordt'er minder van overlaa-

den. Indien de Bezwyming hardnekkig is, dat wil

zeggen, langer dan één kwartier uurs duurt, of zo 'er een Hartvang is, moet men eene Aderlaating op den Arm doen, die zeer fchielyk weder opwekt. De Adei'laating verrigt zynde, is het niet kwaad een Klyfieer te zetten; vervolgens laat men den Lyder met rust, geevende hem alle half uuren eenige kopjes van -een aftrekzei van Vlierbloemen , waar in een weinig

Zuiker en Azyn, te drinken. . Dezelvde oirzaak,

die deeze Bezwyming te wege brengt, verwekt ook fomtyds Hartkloppingen, in dezelvde omftandigheden, en veeltyds zelvs gaan de Hartkloppingen voor, ofvolgen op de Bezwyming.

Van de Bezwymingen door zwakheid oirfpronkelyk.

Dit Soort valt voor na geweldige Bloedftortingen , en fchielyke en onmagtige ontlastingen; of wei, na Iangzaame, maar langduurige ontlastingen, gelyk een verouderden loop, te fterk zweet, pisvloed, onmaatige zaadontlasting, ftreng nagtblokken, enjangduurigen

BEZWYMING.

verlooren eetlust, die, door de noodzaakelyke voedzels te onthouden, dezelvde uitwerking voortbrengt als de onmaatige Ontlastingen.

In dit geval, moet men de Lyders uitgeftrekt op het Bed leggen, hun wel toedekken, en met eenen warmen flanelle lap, de Beenen, de Dyen, de Armen en het gantfche Lighaam wryven; voorts laat meahernaan zeer geestige dingen rieken, zo als eau des Carmes,nau de la Reine d' Hongrie, Engelsch zout, Geest van Atnmoniakzout, fterk riekende Kruiden, by voorbeeld Wynruit, Salie, Rosmaryn, Kruijemunt, Alsfem enz. Ook tragt men hun eenige druppels eau des Carmes, Brandewyn of ander drinkbaar geestig vogt met een weinig water vermengt, te doen doornikken; in welken tusfehentyd , 'er heete Wyn met Zuiker en Kaneel wordt gereed gemaakt, het. wdk een van de beste hartfterkendemiddelen is. Voorts legt den Lyder op het Maagputje, een flanellen lap in heeten Wyn of zelvs Brandewyn gedoopt. Indien het toeval fchynt te volharden,

moet men de Lyder in een ter dege verwarmd Bed leggen , 't welk met Zuiker en Kaneel is berookt, en men moet met de wryvingen van het gantfche Lighaam met flanellen aanhouden. Zo dra den Lyder kan flikken, geeft men hem Vleeschnat waar in het dooir van een Ey is geroerd; of wel, een wein;g Brood , in WynmetZuiker en Kaneel gedoopt. Voorts moet men om nieuwe aanvallen te verhoeden, hun dikwils, doch weinig opeenmaal, een ligt voedzel toedienen , dat egter verfterkende is; zo als by voorbeeld Broodpappen met vleeschnat bereid, verfche en weinig gekookte Eyeren uit den dop, geroost Brood met Zuiker, Chocolade, Geleyen, Melk, enz.

Zodaanige Bezwymingen, welke het gevolg van eene Aderlaating zyn, of van eene al te fterke Buikzuivering, behooren tot deeze klasfe. • Die welke ni

de Aderlating volgen, gaan doorgaans fpoedig over, en houden op, zo dra men den Lyder op een Bed uit* geftrekt heeft; en de genen welke daar aan onderhevig zyn, kunnen zulks voorkomen, door zich liggende te doen Aderlaaten; indien deeze Bezwyming eenigzins fterk is, herfteld men die gemaklyk, met den Lyder

Azyn te doen rieken. 1 Wanneer de Bezwyming

door te fterke Braak- of Buikzuiverende middelen, is voortgefprooten, moet men hun veel lauw water , of Melk, Olie, Gerfiendrank, Amandelmelken, weekmas^ kende Klyfteeren met Melk en dooiren van Eyeren, enz. geeven en toedienen.

Van Bezwymingen die veroirzaakt worden door ongefteldheid der Maag, In dit geval moet men den Lyder opwekken, door hem eenigen fterken reuk, hoedaanig dezelve ook zyn moge te laaten rieken, doch het wezentlykfte is hem veel van eenigen warmen drank te doen inzwelgen, welke de kwaade ftoffen in de Maag huisvestende als verdrinkt, de fcherpte daar van verftompt, en eene ontlasting door braaking voortbrengt, of dezeiven me? defleept in de darmen. Een ligt aftrekzei van Kamilen, Thee, Vlierbloemen, Gezegende Distel, werken byna met dezelvde kragt; de Gezegende Distel en deKa.mille brengen egter de braaking zekerer voort; 4aauv water alleen, is ook zeer goed. De Bezwyming eindigt , of vermindert ten minften, zo dra men èegonaen heeft te braaken. Het gebeurt zelvs dikwils, dat eb Natuur , geduurende de Bezwyming, walgingen wee

wekt,

i

Sluiten