Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1732 EUVEL,

ren de voorftanders van de Chakedonifihe Kcrhergadennge, Iimotheus, bygenaamd Salopiiaciolus , in deszelvs plaatze: terwyl de Party der Eutychiaanfche Leere van eene Natuure, Petrus Moggus dezelvde Waardigheid opdroeg. Een Bevelfchrift van den Keizer Zeno noodzaakte den laatstgemelden het op te geeven. De zegepraal, nogthands, der Chakedoniers te deezer gelegenheid, was van korten duur: want, na den dood van Iimotheus, werd Joannes Talaia, dien zy tot deszelvs Opvolger verkooren hadden, door ftrak* geinelden Keizer afgezet, en Moggus, of Mongus, kreeg, door Keizerlyk bevel, en de gunst van-AcACius, Bisfchop van Conflantinopole, in den jaare 482, 't bezit des Bisfchoplykeu zetels van Alexandrie.

De Abt Barsumas, (welken de Leezer voor al niet moet verwarren met Barsumas van Nfibis, den beroemden voorftander der Nestoriaanfche LeerfteUingen,) op de Kerkvergadering te Chalcedon veroirdeeld zrade, bragt de Eutychiaanfche gevoelens naar Syrië over, en verfpreidde dezelve onder de Armeniërs, omtrent het jaar fw;, f1' die"st/an zynen Leerling Samuel. K M .Lfe;> "^hands, zo als zy gemeenlyk verklaard werd, had iets zo hards en aanftooteiyks in zich da de Syrters ligtelyk overgehaald werden om dezelve te verwerpen, op de aanmaaningen van Xenaias, anders Philoxenus geheeten , Bisfchop van Hierapohs, en den beroemden Petrus Fullo. Die Leeraars verwierpen het gevoelen aan Eutyches toegefchreeven dat de Menschlyke Natuur van Christus door de Godlyke verzwolgen Was, en maatigden het in diervoege dat het op de volgende ftelling uitkwam. „ Dat in den Zoon van Gon maar ééne Natuur was, „ die, niettegenftaande haare éénheid, tweevoudig was ,, enfamengefleld '. Dit begrip ftreedt niet min tegen de bepaalmgen van de Chalcedonifche Kerkvergadering dan de Eutychiaanfche Leer, en het gezag die!' Kerkyergader.nge werd ftandvastig verworpen, door allen , die het gemelde Leerftuk aannamen

In de zesde eeuwe geraakten de Eutychiaanen onder den naam van Memphtfuen, na fomtyds onderdrukten op andere tyden over hunne tegenftreevers gezegepraald te hebben weder in bloei, en hadden een groot gedeelte van de Oosterfche Land.chappen Imnner Leer doen aanneemen. Zie MONOPilVsiTEN

EUVEL of liever Evel had oulings eene ruime beteekemsfe. Het lust ons uit de Schryvers der Taaien Dichtkundige Rydragen, eenige byzonderheden over de bete.temslen van dit woord op te tekenen

™S°n rTf m EV-1> ZegSen die Schryvers, een Dialektverfchil van weinig belang is, verdient het egter om gekent te worden. Evel is het oude woord. Maar gelyk by ons de verwisfeling van fnevelen heuvelen; ftenen, fieunen-, lenen, leunen;, delen Luien(welk laatfte men niet fchryft,maar /ee^da Leer anderen die daarom evenwel niet buiten den e?e van goed gebruik gefloten kunnen worden,, maar S gens die d.alekt even regelmatig gelden) afleen in tongval verfchillende gebruikt wordt he ze vde zv ook van Evel gezeid. Zo weinig egter Is men thands

jfVi^

tLvel. voor, waar voor byna altyd euvel Evel is een

SS&b'Sffl W Vd °Ver ^ hoeft Hitgeöreit, en nog uufbekt. Lees 'er Yau by Jwfius

EVENKNIE.

inObsf.Oothicum, voce Ubils, bladz. Zvne hetee

^VhetleTvVndr" ^ ^^^vïï kwaad „ Z™nd,S genoomen voor boosheid, alle Kwaad ongeval, fmut. Waar van in de vooriee ecu wen, byna altoos in het Gebed des Heeren vóórkomt waar geiden wordt tfèrft* o^bmm^ ^Tak

daad geerden Ecoard uitgegeeven. In euvelcum, euvei tets opnemen, in euvelen moede en diergelv-

25? v1 1 Wy hCt "°8M& Kiliaan vindt men er meer over, waar van ftraks nader. Wanneer wy van evel voor kwaad leezen, ontmoet men bvrfa anders niet dan euvel; maar wanneer onze Herderszangers van evel aan Vee reppen, onderfcheidt het gebruik de beteekenis door evel: als by voorbeeld. Ilij yockt ook honden op, cn om zijn vee belaên Zocktraetvoorlhr.se en imetre, eer't ^/zSrverfprekle

Vokd. y,r3. Landged. Boek JU. bl. 85. " die liet blatend vee deed plasen

Eb t evel aflpoelt, ia een verfchen waterftroom1b. Bock IK bl.

Van haZZ~, "Eart,icn zij" bijen overal

van Honger, kommer, en van ziekte, enêw/(lorven.

lb. Buck IV. bl. 120. De vrugtbaarbeit bewoont zijn tenten: 't vee mveh vm In groote menigte; geen !;oci heeft ooit mhdcl en ' Oeen ooilam werpt te vrocL< Am h,„mof'„ ,f' «een rrH treit het fch^f Z { Tok

Iioouvliet, Mrah. Bock U\ u. 83 Ja 't zij het rappigheit, of pest, of evel kwelde

j. Badon Tgerienx, bladz. 217 ll^thet^hrow^flnfa, de vlijm daar in te Ifefcen.

Eedenk voor «rf, pest en fchurft het"heilzaamst"uïZ „ ^. bladz. 247.

ziekeen W^r<l£ ,00J V°NDEL oKverfchülig voor gênt'b^rï^anS

D.e 't/vtf openbaert, eer hij bellu te" l i if 1 E« afzette, om uit noot inkankrend quaê ' c ftceren

Vondel, Batav. Gebvoedert, JkTlUScen l

? " gee» euvel ftaat te vreezen

"er a,S £ See" Q°f verwaarloost te geneezen

Eindelyk wordt dit woord door Kiliaan vonr „„;

van' k SftóX .«^ih^ «nT^eM

dat is de e ,v,n w f % wil van ons «bjw/ daïve/, aar is, de eWv^, de booze gemaakt hebben

Z e 1 uitman Fakkel der Mderd. Taafbla7z y 7 enTo ^l^^fT °V6r het--d-"'anden

EVEL, zie EUVEL.

ouSSfvooiS^ WClk -e!maato Memoriaalen vaïï^ovTvaTjSr^^ dS ?ene beteekenis is • fl- I ^oW»'^; deszelvs ei-

ften j

Sluiten