Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

PSALM. CXXX1II. 517

Het laetfte begrip komt ons voor, ongemeen wel te flrooken met den inhoud van dit zangftuk. — Het woord zamen weonen vs. 1. ziet niet zoo zeer op eene vreedzame verkeering , a}s wel op eene plechtige zamenkomst. —~ De benaming van broeders, fchijnt ons te wijzen naer alle de. Israëlieten , of immers de hoofden die het ganfche volk vertegenwoordigden; te meer, omdat david, by de gemelde gelegenheid, de zaemvergaerde hoofden des volks uitdrukkelyk zijne broeders genaemd heeft, 1 Chron. 28:

2. Het zinnebeeld van de oly vs. 2. leidt ons tot

eene plechtige zalving. — Ook worden 'er vs. 3. algemeene zegeningen over het ganfche volk beloovd.

Met dit lied fchijnt derhalven Koning david, de gemelde zeer plechtige vergadering gefcheiden te hebben , opdat deze gebeurtenis des te beter in het geheugen blijven zoude, en het volk daerdoor beftendig tot eenigheid worden aengefpoord.

Twee deelen maken den inhoud van dit lied uit.

I. Het voorftel vs. 1.

II. De nadere bevestiging, door twee zinneprenten, vs. 2, 3.

1. Een Liedt Hammaaloth, van David. Siet

in deze plechtige en vreedzame vergadering , hoe goet en voordeelig , ende hoe lieflick: en aengenaem is het, dat broeders, dat de hoofden der ftammen die alle wit jacob zijn voortgefproten , zich oock als broeders gedragen en t'famen woonen, dat zy plechtig te zamen komen en eensgezind zijn, omtrent de meest aengelegene zaken van den Godsdienst en het Koningrijk. Dit hebben wy nu gezien in deze plechtige en vreedzame volksvergadering, daer salomo tot Koning en zadok tot Hoogepriester gezalvd is.

2. 't Is gelijck de koflelicke olie op het hooft, nederdalende op den baert, den baert Aarons : die nederdaelt tot op den zoom fijner kleederen.

Het eerfte zinneprent, ter bevestiging van het voorftel vs, 1 , is ontleend van de zalvoly, welka by do zalvisg XI. DEEL. Kk 3

Sluiten