Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

3<5o HOOGLIED

HET IV. KAPITTEL.

Met vijfde gezang pekt zich uit van vs. i-g. — salomo Ir alleen de /preker, hy wendt zijne tael tot sulamith, en prijst ltare uitnemende fchoonheid , vs.

1-5. Wijders verklaert hy zijn voornemen , om zich , naer den fpeceryenhov te hegeven , vs. 6. Daerop, ■'na eene herhaelde verheffing van sulamiths fchoonheid, nodigt hy haer om eene jachtpartyby te woonen,vs. 7,8.— De plaets der by eenkomst , fchijnt het paleis van salomons ' buiten-verblijy te wezen, en het ge/prek gebonden in den vroegen morgenflond, vs. <j.

salomo

Tot SÜLAJlh bJ

*• STet gy zeer fchoone, mijne Vriendin* ne , fiet gy zijt by uitnemendheid fchoone, uwe oogen zijn duy ven[oogen], of zoo fchoon als dé purperen duiven fchitterende , (a) tuiïchen uwe vlechten : (Z>) uw hayr is als een kudde geyten, die ['f gras] van den bergh Gileads affcheeren , uwe zachte goudgeele lokken, mogen eigenaertig vergeleken worden by de digt op een grazende kudden der geiten, die op den berg Gileads weiden.

2. Uwe fneeuw witte en wel geregelde tanden zijn als een kudde [fchapen] die gefchoren zijn, die hagelwit uyt de wafcnftede opkomen : die al t'famen tweelingen voortbrengen, ende geene onder haer en is jongeloos. De dubbelde ry van uwe zuivere

en

CO Hoogl. 4. 3. emle 6: ?. Ci) Hoogl. 6: 5.

Sluiten