Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

EZECHIEL. XL. 429

fer- altaer moesten geflacht worden , verg. Lev. I: n. Het was derhalven welvoeglyk, dat 'er, aen die zijde» een kamer was , om het bloed der geflachte beesten , het welk op het altaer niet komen mogt, af te wasfchen.

Men kan niet bepalen , of 'er, aen de Zuiderpoort van dit Voorhov, ook zulk een kamer, of waschhuis, geweest zy. Vermits evenwel, wegens de vermenigvuldiging der offeranden, onder de regeering der Koningen, de lov- en dankofferen, ook aen de Zuidzijde, geflacht werden, is het niet enwaerfcbijnelyk, dat'er, ook aan de Zuidzijde, zodanig een waschkamer geweest zy. Althans salomo maekte tien waschvaten, om de offeranden tewasfchen, 5 ter rechter, en 5 ter flinker hand van het Altaer. Misfchien wordt daerom, in het meervouwig getal, gezegd, 'er was een kamer, en eene deur, by de posten der poorten , namelyk die, aen de Noord en Zuidzijde, tegen over elkander, ftonden.

Althans die, aen het Noorden , diende, om het brandof. fer, op de gezegde wijs, te wasfchen, van het bloed, en andere vuiligheid, te reinigen.

b. De dingen, welke, tot dezen binnenflen voorhov, beirekkelyk waren, werden befchreven, vs. 39-47. fl. Eerst worden de tafelen , tot de Jlachtofferen gefchikt befchreven vs. 39 - 43.

1. Het getal van die tafelen wordt opgegeven ,

vs. 39-41»

2. Derzelver ftof, gebruik, en grootte, wordt aenge¬

wezen, vs. 42 , 43. fi. Daerna worden nog eenige andere merkwaerdige kamers

opgegeven, vs. 44-46. £. Eindelyk wordt de groote van dezen ganfcken binnenften Foou

hov opgemaekt, vs. 47.

39. Ende in het voorhuys der Noorder poorte 1 het zy in het voorportael , naer de zijde van den binnen Voorhov, het zy even buiten het portaei; vooraen dat

XV. DESi.

Sluiten