is toegevoegd aan uw favorieten.

De bijbel, door beknopte uitbreidingen, en ophelderende aenmerkingen, verklaerd.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DANIEL: V. 87

muur hebt zien fchrijven, wonderdadig van hem gefonden, die de Koningen afzet en bevestigt, naer zijn welbehagen, ende defe fchrivt, welke gy daer op den wand ziet, is, om u zijne geduchte wraek aen te kondigen, geteeckent geworden.

25. Dit nu is de fchrift, die daer geteeckent is: Mene, Mene; Tekel, Upharsin.

De woorden beteekenen in onze tael: geteld, geteld,

gewogen, verdeeld.

26. Dit is de uytlegginge defer woorden. Het eerfte woord Mene, geteld, beteekent, de Allerhoogfte Godt heeft uw Koninckrijcke, of uwe Koninglyke regeering, ten opzichte van hare duuring getelt, en eene bepaling gemaekt, omtrent den tijd, wanneer de Babylonifche Monarchy een einde nemen zal, ende hy heeft 'et Koningrijk van Babylonien voleyndet, voor zo ver hy vastgefteld heeft, het zelve eerlang te doen eindigen.

27. Het woord Tekel, gewogen, geevt te kennen, Gy Belfazar zijt in de weegfchalen van het Godlyk oordeel gewogen , voor zo ver de Allerhoogfte Opperheer beproevd heeft, of gy waerdig waert, om nog langer, in het bezit van uw Koningrijk, te blijven, ende gy zijt te licht gevonden, door uw wangedrag, hebt gy u de langere vöortduuring van uw Koningrijk onwaerdig

gemaekt. .

28. Het laetfte woord upharsin, of dat het zelvde is, Peres', verdeeld, zegt zo veel, als Uw Koninckrijcke is verdeylt, verfcheurd of verbroken: want de Babylonifche Monarchy zal, als een afzonderlyk Koningrijk, niet meer beftaen, ende 't Babylonisch Rijk is, in het Godlyk Raedsbefluit, den Meden ende den Perfen gegeven. ., ,

29. Doe beval Belfazar, dat men Daniel de voorheen gemelde eer zou aendoen; zy werd hem, op 's Konings bevel, door zijne dienaren opgedrongen; ende de Rijksgroten namen 'er genoegen in: want fy bekleedden Daniel met purper, met een gouden keten om fijnen hals, ende fy riepen overluyt van hem,

XVI. deel. F 4