Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

84 HANDELINGEN. V.

Het kon niet anders, of het bedrog moest fpoedig kefibaer worden. Zulk een wangedrag was derhalven recht gefcbikt, om velen der genen , die nieuws bekeerd waren, grotelyks te ergeren, en om anderen van het Christendom afkeerig te maken. — De gelegenheid, by wefte de misdaed gepleegd werd , was ook eene verzwarende omftandigheid ; alle de nieuw bekeerde Christenen beyverden zich om ftrijd, om,met eene voorbeeldige zelvsverlochening, hunne bezittingen, terr~ dienfte van hunne verarmde broederen, gewillig af te ftaen. Maer, door het wangedrag van ananias en saphira , werd de luister der uitmuntende deugden van de eerfte Christenen grotelyks bezwalkt.

De ftraf moest gevolgelyk, uit hoofde der omftandigheden, ook des te zwarer wezen. Indien deze misdaed niet, op eene zichtbare en buitengewone wijs, geftraft was, zou dezelve , voor de uitbreiding van het Christendom, zeer nadeelige gevolgen gehad hebben. Welke fchadelyke indrukken zou de veinfery van deze menfchen op de eerfte Christenen gehad hebben, wanneer men gezien had, dat men den Heiligen Geest ftraffeloos liegen konde? dit zou eenen gereden weg gebaend hebben, tot het plegen van allerlei bedrog en huichelary. Het welzijn derhalven, en de uitbreiding van hèt ontluikend Christendom vórderde eene voorbeeldige ftraf, op zulke grouwzame misdaden. Dusdoende moest de eer van den Heiligen Geest, weike openlyk gehoond was, verdeedigd, en zy, die zich in het vervolg by het heilig genoot» fchap der eerfte Christenen voegen zouden, van alle bedrog cn geveinsdheid afgefchrikt worden.

Maer betaemde het wel aen petrus, om zulk eene geftrenge ftraf uit te oeffenen? beantwoordde deze handelwijs aen den lievderijken aert van het Euangelie , het welk hy verkondigde ? — Dan men moet deze ftrafoeffening geenszins aen petrus zeiven toefchrijven. Hy was niets meer , dan. een enkel werktuig, en het was de ftraffende hand van den Almachtigen, welke deze geveinsde bedriegers oogenblikkelyk wechraepte. -ei-rus deed niets anders, dan hen ernftig. en met eenen buitengewonen nadruk te beftraffen ; en uit de omftandigheden fchijaei. wy te mogen befluiten, dat de ftraf

. van

Sluiten