Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

38 S 8 KAPITEIN-GENERAAL.

„ wat de Provincie van Heiland en West-Friesland be« ,, trof, niet alleen niet hy, die het opperbevel zou „ hebben over 's Lands krygsmacht te water of te

lande, maar ook niemand anders, tot Stadhouder „ derzelver Provincie zou mogen worden aangefteld; „ maar dat de gemelde waardigheid zou zyn en bly• ,, ven vernietigd : zullende de Gecommitteerde Raa-

den aanbevolen blyven, om zaaken, die fpoed vor„ derden , in de afwezendheid hunner Edele Groot „ Mogenden af te doen".

„ Dat de Edelen en de Vroedfchappen der Steden , „ de Leden der Vergaderinge van hunne Edele Groot

Mogenden, en de Raad-Penfionaris, by ééde zou,, den moe:en belooven, de voorgemelde punten hei„ lig en oprecht te zullen helpen handhaaven".

„ Dat het gemelde derde punt , in de inftruclien

door den Kapitein- en Aimiraal-Generaal zou worden ,, gevoegd; deeze zou by ééde verbonden worden, „ om daar tegen nimmer eenigeriei verzoek te zullen „ doen, en het Stadhouderfchap, zo hein het zelve, „ buiten vermoeden, ten eenigen tydé mógcopgedra-

gen worden, van de hand te zullen wyzen".

Dit Edift wierdt aldus in het jaar ï66^ vastgefteld, en de handhaaving daar van door alle Regeeringsleden der Provincie Holland niet alleen bezwooren, maar zelvs den afgelegden ééd door hunne handtekening bekragtigd. Zeeland inzonderheid , was, met de aldus vastgeftelde vernietiging der Stadhouderlyke waardigheid in de evengemelde Provincie, zeer teonvreden , gelyk ook veele lieden in de overige Pro* vinden , daar over hun misnoegen opentlyk betuigden.

De bedenkelyke toeftand , waar in de Republiek aanhoudend bleef, en de poogingen, door de Stadhoudersgezinden , tot bevordering van den Prins, aangewend , waren oirzaak , dat de Staaten van Hol' tand, in 1669 aan de overige Bondgenooten te verftaan gaven , dat zy nimmer (temmen zouden om denzelven tot Kapitein-Generaal aan te fielten , of zyne Hoogheid in den Raad van Staat zitting te geeven, ter tyd toe, dat de andere Provinciën met hun beflooten hadden die,waardigheid, voor altoos, van deStadhouderlyke af te fcheiden. Alle gewesten traden , deééne oa de andere, in het van Holland voorgeftelde plan, 't welk men deAtle van overeerjlcnuning noemde; Willem den 111, verkreeg daar door zitting in den Raad van Staaten, doch alleen onder voorwaarde, dat het Kapitein-Generaal- en het Stadhouderfchap , voortaan, nimmer in een en denzelvden perfoon zou mogen gevestigd worden.

Niet iang daar na wierden by Holland depunten ontworpen, op welke men dien Prins toen 21 jaaren oud , tot Kapitein-Generaal zou bevorderen. Hier over waren het de gemoederen op verre na niet eens; doch, na veel onderzoekens en overlég*, ontwierpen de Gecommitteerde Raaden , de volgende pointen van inftruclie : ,, Vooreerst , zou de Kapitein-Generaal geen }, Stadhouder mogen zyn van ee-ig gewest, en der„ halven ook nergens de wet heitellen, of ambten n begeeveiu Ten tweeden , zou hy geene Patentenv ui tgeeven,, maar zich te "dien opzichte houden aan „ het befluit , in zomermaand des jaars 1651 genoM men ,. waar by het geeven van patenten aan het s» Krygsvolk,, by voorraad, en tot nadar last der ge?

KAPITEIN-GENERAAL.

„ 2amentlyke Bondgenooten , zou ftaan aan de Ver. ,, gadering der algemeene Staaten, met voorgaanden „ raad des Raads van Staaten , en op een bericht. „ fchrift, te beraamen door de byzondere gewesten; ,, doch men zou geen Krygsvolk uit de ftemmende „ Landfchappen mogen ligten, dan met kennis van ,, de Staaten of de Gecommitteerde Raaden, die in ,, zodaanig geval de patenten zouden invullen, ook „ wierdt derzelver voorafgaande bewilliging ver„ eischt, om eenig Krygsvolk in eene ftemmende ,, Provincie te doen trekken enz. Ten derden, dat de „ Kapitein-Generaal i? geen dienst ot ééd van eenige ,, uitheemfche Mogendheid zou mogen zyn, de Leen,, mans-ééd, en die der Ridder-orde van de Kousfe,, band, alleen uitgenomen. Ten vierden, dat hy zich ,, niet zou mogen moeijen met den Godsdienst, re,, geering , rechtoeffening , of geldmiddelen ; ook ,, niet met de gefchiüen onder de gewesten , ten ware ,, hy daar toe verzogt wierdt. Ten ryfden, dat hy, „ buiten den last der byzondce Staattn, geen gezag ,, zou oeffeneh in eenig gewest, noch ook omtrent ,, eenige Leden, Steden, Regenten of Ingezetenen ,, van hetzelve. Ten zesden, dat hy onder Afgevaar,, digden te velde, zoude ftaan''.

Men was het in de Republiek wel dra volkomen eens over deeze bepaalingen, binnen welke het gezag van den Kapitein-Generaal zou beffoten zyn , doch kwam zo fpoedig niet over een , ten opzichte van de duurzaamheid deezer waardigheid. Eenige wilden , dat hy voor zyn leeven; andere, dat hy flegts voor éénen veldtocht moest verkooren worden. Die zich voor het eerfte gevoelen verklaarden, bragten in het midden: „ dat ,, alle waardigheden voor het leeven, of tot kenne,, lyk wederzeggens toe , plagten begeeven te wor„ den; dat die ('chikking de ambten met meerder lusten „ yver deedt bekleeden, en ftrekken zou om den Ka„ pitein-Gcneraal, meer achting onder het Krygsvolk te „ doen verwerven ; dat by het Eeuwig Editt genoeg„ zaam gezorgd was voor de vryheid ; dat men den ,, Prins Stadhouder zou kunnen maaken , wanneer „ hy zich niet te velde bevondt , indien hy flegts ,, voor éénen veldtocht tot Kapitein-Generaal aange„ fteld was ; dat voorheen de vryheid gevaar liep, „ toen de Kapitein Generaal te gelyk Stadhouder was, „ waar voor men nu niet te vreezen hadt, devoorge» „ flagen inftruclien in aarmerking genomen zynde: „ dat men den Prins daar toe, tot wederzeggens aan» „ (lellende, hem van zyne waardigheid zou kunnen ,, verlaaten, ïngevalle hy, doorhuwelyk, zich ver* ,, bond met 's Lands vyanden , hoewel het ook niet „ ongemeen vas, dat de naaste vrienden elkander den „ oorlog aandeeden ; dat de vrede eerder te wagten wars,, wanneer dezelve den Prins niet ontzette van zyne „ waardigheid; waar tegen hy tot oorlog neigen zou,. „ indien zyn aanzien enkel aan tyden 'van oorlog be. ,, paald was; darmen de andere Provinciën, welken ,, men in de Aüe van overeen/lemming zulke merkwaar» „ dige punten afgedrongen hadt, het genoegen be,, hoorde te geeven \ an den Kapitein Generaal vont

zyn leeven iar.gaan te ftellen;. datookdegtmelde acte ,, van geen bepaaling hier omtrent fprak, en die ge* ,,, -westen zich dus aan dezelve niet gehouden zou» „ den rekenen» indien men hsn deswegens bepaalt»

wilde"»

H0&

Sluiten