Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De Nederl. Wetten, Zeden , enz. 237

vangt. Als Kapitein Generaal van iedere Provincie begeeft hy alle militaire ampten tot die van Kolonel ingeflooten; doch de hooger bedieningen als die van Veldmaarfchalk, Generaal, Luitenant Generaal, en Generaal Majoor, worden door de Staaten Generaal begeeven, die tot deeze ampten zoodaanigen verkiezen, als hun door zyne Hoogheid worden aanbevolen. Hy begeeft ook de Gouvernementen, Kommandementen enz. der Steden en Vestingen van de Republiek en van derzelver Barrière. In het begeeven van politieke ampten flaan hunne Hoogmoogenden altyd veel agts op de perfoonen, die door zyne Hoogheid worden aangepreezen. — Het gezag van dén Stadhonder als Admiraal Generaal ftrekt zich uit over alles wat de zeemagt van den Staat betreft, en over alle an. dere zaaken, die tot de Kollegien der Admiraliteit behooren , waarin hy de voorzitting heeft of in perfoon of door zyne Reprefentanten.— Daarenboven befchikt hy over de ampten van Luitenant Admiraals en van anderen, die onder hem bevel voeren, en ftelt de Kapiteiuen ter zee en andere Officieren aan.

De Stadhouder verleent Brieven van gratie

Sluiten