Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 151 3

gevangenis te houden, op dat ze inmiddels alles des te ryper mogt overleggen.

Deze zaak wierdt, voort , in den Engelfchen geheimen Raad voorgedraagen ,. en, na dat 'er verfcheide gevoelens over geuit waren, zo viel elisabeth eindelyk hen toe, die van gedagten waren, dat Koningin maria nog langer in hegtenis moest blyven. Koningin elisabeth wierdt, behalven andere reden van ftaat, ook nog door een byzondere jaloezy tegen de gevangen KoningTh bewoogen , dezen raad goed te keuren , om dat ze fraajer en jonger was, dan zy, alhoewel de Schotfche maria, in andere ouzigten , niet met elisabeth kon worden vergeleeken. Doch, ten einde de Koningin van Engeland deze ftrengfte handelwyze eenigzins mogt bewimpelen, zo hieldt ze zig, als of haar niets aangenaamer zyn zoude, dan van de onfchuld van maria te worden overtuigd , op dat zy haar, zonder zig aan de opfpraak van 't Gemeen bloot te (lellen, hulp kon bewyzem Maar ten zelfden tyde, als zy maria deze verzekeringen gaf, tragtte zy de zaak zo lang fleepende te houden, tot dat zy een befluit nopens haare eige veiligheid kon neemen. Zy wilde wel, naar 'c uiterlyk aanzien , niet lyden , dat iemand van Koningin maria kwaad fprak ; maar nogtans waren haar de'openlyk uitgeftrooide befchuldigingen niet onaangenaam , om dat ze daar door gelegenheid kreeg, de zaak, geftadig, van den éénen tot den anderen tyd uit te nellen, maria dagt een tyd lang , dat elisabeth het in ernst meende, en K 4 nier#

Sluiten