Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

224 NATUURLIJKE HISTORIE

het lang hair weggiat; de oude, eindelijk, zijn hasran* jenbruin , en fommige zijn geheel geelachtig. Ook is het hair van de wijfjens op den rug korter , fijner en fchooner, en op den buik langer dan bij de mannetjens. Nog een ander onderfcheid van kleur is 'er bij de ZeeOtters waarteneemen ; hun hair wordt in de maanden als zij ruien, of een gedeelte verliezen, vaaler; hun bont is het fchoonfle in de maanden Maart, April, en Mey.

De Zee-Otters bewoonen koude luchtftreeken , en in den winter onthouden deeze dieren zig op de oevers van de zee en op het ijs, dat in zee drijft, en langs de kusten van het land ligt; in den zomer zwemmen zij de rivieren op tot in de meiren, vermits zij zig gaerne in zoet water bevinden. Zij kunnen zeer goed zwemmen, maar flegts twee minuuten lang onder water blijven; zij zwemmen in allerleie rigtingen, dan op den rug, dan op den buik, dan op de zijden , en fomtijds overeind. Als zij uit het water koomen om op het land te gaan fiaapen , fchudden zij zig en ftrijken hunne hairen met hunne pooten gelijk. Zij liggen als een hond met het lijf rond toegevouwen. Zij fiaapen niet vast en worden op het minfte gerugt wakker; als zij met geheele troepen op het land liggen te fiaapen, zijn 'er altoos enige op de wagt, die de andere op het minfte gevaar wakker maaken. Zij hebben geen zeer fcherp gezigt, maar hun reuk is zeer fijn, en hun gehoor • zeer goed. Zij zijn zeer levendige, vrolijke en dartele dieren,- als zij bij warm weder in de fchaduweder heu-

ve-

Sluiten