is toegevoegd aan uw favorieten.

Batavia, de hoofdstad van Neêrlands O. Indien [...] beschreeven

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

EERSTE OPKOMST. $3

ëp zulk eene fchandelyke wyze had verraaden : waar by hy voegde, dac zulks alleen aan de Engelfchen was re wyten, dewyl zy door hunne konstibreeken den Koning dus in het grootfle ongeluk hadden geftort. Ondertusfchen wisten de onzen zeer wel, dat de voornoemde Regent de eerfte oorfprong van alle onheilen was, door dien hy die van Jacatra tegen hunnen zin in de wapenen geholpen, en de Engelfchen door fchoone beloften insgelyks tot dc gepleegde onbecaamlykhedeu had opgehitst. Zy floegen derhalven even veel geloof aan de fraaye. Zedelesfen van deezen doortrapten Moor, als of zy den Vos, met een Schaapenvel omhangen, -eene redevoering voor de Eenden en Hoenders over de barmhartigheid hadden hooren doen.

Niemand was midlerwyl meer verlegen dan de Engelfche Generaal Deal, welke, zich thans in alle zyne voorneemens gedwarsboomd ziende, zelfs geen middel tot een eerlyken aftogt vond, zonder oogluiking der ■Hollanderen. Hy fchreef hierom een briefje aan Mr. IVaddoen, een Engelschman , die, by gelegenheid van de onderhandeling over het nu uitgefloopen Contraft, in 't Kasteel was gebleeven , waar in hy zich zeer beklaagde over de trouwloosheid der Bantammers, die Van den Broeke en de zynen weggevoerd, en dus de volvoering van het Traclaat volflrekt ohmogelyk hadden gemaakt. Hy beloofde thans, dat de Bantammers geen de minfte hulp van hem , of de zynen zouden genieten, dewyl hy nu klaarlyk zag, dat zy alleen ten doel hadden eerst de Hollanders, en daarna de Engelfchen, te vernielen. Eindeiyk verzocht hy eenvryen aftocht voor zyne fchuiten en booten, die tot volvoering van het mislukte Tractaat onder bet gefchut der Vestinge waren gekomen, en van daar niet veilig zonder toeflemming des Commandeurs konden vertrekken.

De Hollandfche Commandeur beantwoordde het verzoek der Engelfchen met een kort briefje, zonder veel op hunne vertooningen en fraaye beloften te letten, hen alleen meldende, dac het mislukken van het Tractaat buiten zyne fchuld was, en dat, zo zy hem de Gevangenen en de Gyzelaars konden bezorgen , hy bereidwillig was, om noch zyn woord te houden ; dat de Engelfchen hunne booten en fchepen naar welgevallen konden weghaalen , en vaaren werwaards zy wilden ; eindeiyk dat zy een zeer goed en Christelyk werk zouden doen met de Inlanders niet te onderfteunen, in welke zaak zy zich reeds zeer te buiten hadden gegaan. Op dat volgenden 4 van Sprokkelmaand , fchreeven dc Engelfchen al weder een briefje, uit het welke bleek, dat zy het te Jacatra vooral niet ruimer hadden, dan de onzen in het Kasteel; zy begreepen hierom hoe eerder hoe beter te moeten vertrekken , en verzochten een vrye vaart voorby ons Kasteel, om hun gefchut, 't geen op de vyandelyke werken lag, te kun-

L s *»