Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

H% LANDREIS

eerfte bruine veders vertoonen zich aan den hals (*} en verfpreiden z ch a lengskens ov er 't «anfefe ligchaam; maar hun zomergewaad is zelden voltooid voor mhj Men maakt van de vederen dezer va2 unnruntende bedden, en dewijl ze een verval || voor de jagers, worden ze gemee d ik verkogt aan den kaptem en de ftturlieden van de fchepen der Maatfchappij tot den geringen prijs van drie ftuivers net pond.

ï ^-patrijzen. Deze foort van veldhoenders heeft m den wintc dezeifde kleur al, de vorigen m ar is met zoo groot van ftuk, hebbende gemeenlijk niet meer dan twee derde van 't gewigt. Zij hebben een zwute.fceep van den bek tot aan het oog, en ver"

fchü-

C*ï De heer dracgi 'merkt in 2ijne „oor(lwsten , Aorugt aan, itt „eT de ^ ^ ^

te veraderen, de eerfle bruine veder, zich «n den fluit vertoonen; maar zulks n ZQQ m ^ een algemeenen regel te zijn , dat een Hndfonh.»

°m.dle gedsgte" raoet "«en. Dat de heer oRACGE «oo,t iet dergelijks Za|:, wiI ik ^ ^

™m,eer de natuur zoo ver van haren loop afwnkt' gefch,ed' zulk» buiten twijvel toe^llij; en niets ü zoo waarfcbii„li)k da„ dat de veders, door den heer B-aoct opgemerkt, door een havik Waren uitgeplukt en daar de gewone tijd van vederverwi.sfeüng nabij *», vervulde de zomerveders de plaats vs„ de verlorene^ want v:n de menige h0„derd duizenden, die ifc heb ben dooden, 2ag of hoorde ik nooit dat de verwisiekng saa den fluit begon.

Sluiten