is toegevoegd aan uw favorieten.

Het waare genot des levens. In brieven.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

iGo XI. BRIEF, over het

onderfcheiden. In uw laage boerfche woöning, Hechts met een Weinig nodig, en zeer eenvoudig huisraad voorzien, is geen fpoor meer van uwen voorigen voorfpoed te vinden? men zou uit dezelve den man niet vermoeden, vermaagfchapt aan de aanzienlijken des Lands, Weleer zelfs hun in aanzien gelijk. Uw disch is fober zonder lekkernijen — doch zij is genoegfaam. De kleding uwer kinderen is ingerigt naar hun verblijf; met een woord alles ademt hier, dit fta ik u toe, eene zekere verdwijning van voorigen luister. Maar zeg mij, Medon! berooft u dit ook van eenige wezenlijke waarde in het oog van weidenkenden? Stelde gij voorheen zoo veel prijs op uwe bezittingen dat gij u daarom voor achtenswaardiger hield? dan is het zeker uw geluk dat gij derzelver kleine waarde bij ervaaring leerdet kennen. Doch neen! zoo kleingeestig kende ik u nooit. Gij achtte den braven man altijd hoog, 't zij gij hem op een troon of in een hut, in purper of een pij ontmoette. Dit doet elk wijze; ert de minachting van dwaazen, die den man naar zijn kleed, of zijnen Band berekenen, is die u beledigend? Zou dan ook zijne hoogachting waarde voor u hebben? zoo laag* hartig befchouwde ik u nooit.

Verdiend niet hij, die zich voegt naar, en te vreden is in zijn lot, de achting van alle

bra-