Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

154 ONDERWYZEND GESPREK.

palingen, die veelen van God en den beften Godsdienft maken. Die vermetel zyn Wezen durven onderzoeken. Die over alles, wat zy voorwaar ofvalfch houden, ook na fchandelyk weinig onderzoek, op eenen beflisfenden toon fpreken; waar door zy ook dan veelmalen menfchelyke Leerftelfels uitventen, voor Goddelyke waarheden; en hunne eigene onoordeelkundige uitleggingen , als orakels willen bewonderd, ja blindeling gevolgt hebben. Hy die derhalven zynen God met kinderlyke vreezc dient, is zedig, omzichtig, befcheiden, en bedagtzaam in het voorftellen van alles wat hy ter algemeener toetze brengt. Nooit zegt hy: „ Myn geloof, myn be„ grip , myne verklaring is het befte, is de ware"; maar hy zegt: „ Het geen ik daar over denk, „ dunkt my, dat naaft aan dat gene komt, het wel„ ke ons in den Bybel geleert wordt: deeze uitleg„ gingen fchynen my het natuurlj'kfte". Hy bid God zo wel om meerder licht, als om meerder deugdluft. „ Ik meen, zegt hy, dat dit eene dwa„ ling is; maar ik durf die dwaling niet zieifebade„ Iyk noemen. Ik moet niet veroordeeien; ik ben „ een zwak feilbaar menfch, 't is niet onmooglyk dat de waarheid aan de zyde myner party is; dat ik „ mis heb. Dwalen deeze Chriftenen, zyn hunne „ Leeringcn van menfchelyke afkomft, dan zullen „ zy verbroken worden: 't kan evenwel zyn dat zy „ den zin des woords beter verftaan» en dan zoude „ ik my vergeefsch daar tegen kanten; en in plaats „ van eerbied en vrecze voor God te hebben, zoude „ ik bevonden worden tegen hem te ftryden". Deeze heilige kinderlyke vrees zet ons ook aan om ónze pligten te beleven. Een deugdzaam menfch vraagt niet, „ Met hoe weinig kan ik vry komen"? maar,

H Wat

Sluiten