Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

3o DE VADER LANDSC HÉ

„ En hij, die ijvrig is in zijn befrcmden kring,

„ Wagt op zijn werk met recht des Hemels zegening.

'tls waar, 'kheb nederlaag, 'k heb hoon en fmaad verdraagen, „ Maar naa den nacht van leed kan 't licht van voorfpoed daagen. „ 't Fortuin lacht mij nu aan. Mijn dieibaare Echtgenoot „ En Ridders! zo ik fneef, troost u dan in mijn dood, „ Door 't denkbeeld, dat ik de eer meer agtte dan het leeven, 5, Tot aan mijn jonguen fnik het Land getrouw gebleeven ". Hij rukt zich ijllings los uit d'arm der huwlijksmin, En draagt den zegen meê van 't fchrciend huisgezin. Zijn fierheid ftaat hem bij met mannelijk vermogen, En vaagt hem fluks de traan der tederheid uit de oogen. Dus fpreekt de flem van plicht in zijn bedaard verlland: Voldoe uw krijgsmans eed, ftrijd voor het Vaderland.

De Zeeheld nu aan boord vergeet zijn oude fmarte, En ftort op deeze wijs zijn fcheepsvolk moed in "t harte: ,, Mijn dappre Vriendenfchaar! Bataaffche Heldcnfioet! „ Die zucht voor 't Vaderland en uwe vrijheid voedt,

„ Gij

Sluiten