Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

34 WANDELINGEN

Gevleid door redenaars, door dichters eer beweezen, Komt zelden uit de bron voor zuivre godsvrucht voord.

Een ander moog' den lof van vroome Luiheid zingen ,

Die zotlijk haar vernuft, haar oordeel cn haar" tijd Der maatfehapije ontneemt, en aan bcfpiegelingen,

Niet voor den mensch gefchikt, haar nutloos leven wijdt.* Die meent, door fehijn verblind, de wereld te verachten,

Om dat zij haare vreugd voor 't uiterlijk verzaakt, En in haar naarc kluis, door ijdele gedachten,

Meer dan de wereldling verboden wellust (maakt

Ik zal, zo lang ik leef, met roem van u gewaagen,

Gewijde zusterfchap! u (leeds met eerbied zien; Zo veel ik immer kan uw ftichting onderfchraagen,

Ja hanr, uit al mijn magt, een nutten bijftand biên: Wien uw getrouwe hulp uit nood en dood verloste;

Wie hier vcrligting zocht in armoe, ziekte en fmart, Zag zig verligt, getroost, geholpen, zelfs ten koste,

Der Jieffie neigingen van uw grootmoedig hart: Uw godsdienst is geen koude, of dorre, of zcJfverdichte,

Sluiten