Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( 5 )

Voor Ë'g^nbant, dat fnoode Monftef Kruipt Gij op onze Waereld kloot; Gij zijt dus ook een van die fnooden, Die uwen dienst aan d' Afgod bood. 't Is om 't genot van gouden Schijven Dat Ge aan de Lier uw tijd hefteed; Doch Baatzugt zal uw zeker boeien,

En uw vernielen eer Gij 't weet. De Ondankbaarheid, dat fnoode Schep fel, (Ik weet voor zeker dat je 'er kent!) En hoe Gij U ook fein moogt houSn

Dat Gij haar troetel kindje bent. In trotfche waan wierd Gij gebooren;

Eh door de wraak gemaintineerd. Wie hoeft 'er nu nog naar te vraagen

Van wien Gij werd gegenereerd. Steeds fchempt Gij op een anders gaaven, "t Was Wangunst daar Gij lang meê vree, En waar door Gij de fnoodfte pasfen, U zelve ten verderve deê.

A 3 De

Sluiten