is toegevoegd aan je favorieten.

Reinhart, of Natuur en godsdienst.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HL BOEK. 175

het leven der menfchen weg, dan is het niet meer dan geduurig fterven, dan fmachtende ellenden; de hoop is ook mijn dierbaarst goed, en brengt mij fomwijl eens in uwe armen weder; ten minften, zij fchildert mij 't bekoorelijk tafreel van wederzien met de bevalligfte verwen af; en al wierd die hoop ook nimmer waar, dan nog geeft zij mij oogenblikken van zaligheid, die mijnen werklust en werkkracht vernieuwen.

Gij ziet, Karei! dat ik u zonder plan fchrijf, dat ik Hechts een oogenblik los voor u heen denk; vaar wèl tot ik dit weêr doe, wanneer 'er van mijne verftoorende bezigheden meer overfchieten dan ik tot ftil nadenken en het lezen van iets ftigtelijks n^)dig heb; want ik wilde mij niet gaarne zoo verdiepen , in de woelingen des levens, dat ik, al plantende en bouwende, vergeeten zou dat 'er ook een tijd komen zal om aftebreeken en uitteroejen; daar vergankelijkheid tog het einde is van alle. dingen.

XXII.