Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

EERSTE BOEK. 17

Daar 't moedig Holland bly de vreede-olyven flraoit j Terwyl het als Gravin jacoba in mogt haaien;

De jonge Schoone, door haar Moeders hand geleid, Verzeld door eeneti ftoet van eedle flaatsjongkvrouwen,

Trekt voort van vest tot vest, door 's volks gejuich gevleid; Beminlyke Eendragt fcheen weer Vryheidstuin te bouwen, {„

Alleen het oude Dordt, daar Iaage muitzucht gloeit, Wü zich aan 't zagt beduur van Wil'em,s telg niet wennen ,

't Zweert Jan van Beiren trouw, wiens magt in 'theimlyk groeit,' Men weigert Brabana's Forst, als Voogd van 't land te erkennen^

Schoon Zeeland', op het fpoor van Holland, myn Gravin Als Landsvrouw minlyk groet, fchoon eene drom van Eedlen,

Uit wraakzucht, op het pand van Willen's huwlyks min, Beltaat; om Beirens gunst lafhartig af te beedlen:

Van Arkel, Tsjil/lyn en Egmond's wrevlen haat En muitzucht, niet verkoeld in hun langduurig zwerven.

Ontvonkt door wraak, bekoord door kruipende eigenbaat, Beloofde aan Ruwaard Jan, te winnen ofte fterven.

De krygsvaan werd eerlang in't vry gewest geplant, Van Bei'rens magt verwon haast de Tfelfynfcbe wallen,

Dan 't gryze fticht bood flraks jacoba onderflandj Monivoort deedt T>[elfyn met muur en toorens vallen.

B Het

Sluiten