Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VAN HART

549

delyk bemerkt worden. Dit is evenmin een bewys, dat zy niet in de natuur beftaan, als het voorbeeld van eenen blindgeborenen een bewys zyn zou tegen het beftaan der kleuren. Wie noch in de natuur , noch in afbeelding , ooit een grootsch of bevallig landfchap gezien heeft , zal zich nimmer de gewaarwordingen kunnen voorftellen, die een bergtoneel der Alpen, of eene Arcadifche vlakte in eene gevoelige ziel verwekt. Wie geboren en opgevoed is onder eene mismaakte en verbasterde menfchen-race," zal geen denkbeeld hebben va» het geen lessing of winkelman by den Laokoön, den Apollo, de Medicefche Venus gevoelden. Natuurlyke ligchaamlyke fchoonheid is by onbedorvene zielen eene der eerfte en fterkfte aanlokfelen tot genegenheid en liefde. Maar wanneer de droevige ondervinding, of de dagelykfche befchouwing eener bedorveue maatfchappy, geleerd heeft, dat de fchoonheid van gedaante Hechts zelden met de innerlyke fchoonheid van ziel gepaard blyft, dat de eerfte dikwerf aanleiding geeft tot bederf der laatfte, dan verenigt zich de indruk der fchoonheid met zo vele onaangename denkbeelden , dat hare werking daardoor verzwakt en dikwyls vernietigd wordt.

VIII. Zulken, wier gevoel ontwikkeld en verfynd is voor voorwerpen , welke zy niet aantreffen onder die, welke hen omringen; deugdzamen, die in eene geheel bedorvene maatfchappy leven; kunftenaars met de ziel van Raphaël of Guido, onder Negers of Chinezen gebaanen; vurige beminnaars eener redelyke vryheid, onder het juk ener despotieke regering gebogen; deze allen voelen zich ongetwyfeld door dat gemis tot zekeren trap toe ongelukkig.

wysBïc. II. Dtel, No Doch

Sluiten