Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( m )

Jaar \ boe zeer do Nationale Vergadering de petitie van 60 millioenen van 1796. fteeds declareerde te befchouwea als -eene • continuatie, derzelve ; -en uit k-rachte van welke verklaring de Nationale Vergadering de Gewesten gedurig heeft aangemaand'órrVdezelve petitiën van 1795 getrouw aan te zuiveren; •waar aan nogthands door geenGewest als dóorï-ldlland is voldaan, en daar door, zoo als wy reeds zeiden, het achterwezön dezer Provincie op de 60 millioenen is veroorzaakt geworden, het welk,indien Hol. land even trouwloos als de andere Gewesten had willen handelen, of wel, wanneer dit Gewest- ge. meend had, geen vertrouwen in de billykheid en de macht der Nationale Vergadeiing te konnen ftellen, om deze vordering by de andere Gewesten te doen eerbiedigen — niet gebeurd, de quota op'do 60 millioenen volkomen aanbetaald', — en de geforceerde heffing voor dit- ae'ntcvfhllige niette pas gekomen zoude zyn. Om het gedrag der Nationale Vergadering te verdedigen , zegt men, dat zy geene macht heeft om de Gewesten tot het aanzuiveren der petitiën van 1795 te dwingen. — Dit houden wij' voor eene dier onbefchaiamde drogredenen, welke men daaglyks ziet bezigen om kwade zaken goed te maken , en beweeren dat de Nationale Vergadering , ten dien opzichte ten minjlen, is getreden in het recht van H. H. Mog. en dus, indien zy rechtvaardig wilde handelen, tot bet invorderen dezer achterltalieri, even zoo wel middelen van contrainte in handen heeft, 'als tot de invordering der 60 en 40 millioenen,maar dat men zulks niet wil doen, om ten minfte nog voor deze laatfte keer (zoo wy ten minfte hopen) de andere Gewesten van dit zelve voordeel, het welk zy zoo fchandelyk als wederrechteiyk, zedert de oprichting, der Republiek , en vooral zedert het einde van. den tachtigjarigen oorlog , hebben genoten, niet te priveeren, en de hooge quota van Holland nog met deze overbetaling te blyven bezwaren. —

C

(*) Zie Dagblad, No. 593 & S98.

.Het is onder anderen in rare--Misfiv.es van 3.en 6 July 1. 1. (*) dat-het Provinciaal Beftu,ur van Holland zich '■ deswegen op eece cordate wyze verklaart, cn de rechten zyn ingezetenen voorftaat, hebbende in deze laatfte byvhare verklaring gevoegd de volgende referve:

' „ Voor eerst: dat de betalingen door dit Gewest •„ zedert primo January 1796. . buiten de petitiën „ van Anno 1795, en de begroting van 60 mil„ lioenen voor de algemeene behoeften der geheele -„ Republiek gedaan,op de quote van dit Gewest in '„• de' gemelde 60 millioenen zullen worden gevaj, lideerd.

2. Dat de berekening der achterftallen van de „ andere Gewesten, op de begroting van 60 mil. >, lioenen voornoemd , even als voor dit Gewest zal ,, gedaan zjtj , na de volkomene aanbetaling hunner „ quotés in de petitiën van ■ iq millioenen in 179-5' ,, voor de Marine, en in die van 5 en 6 millioe„ nen, over de vyf laatfte maanden van hetzelve „ jaar voor de Landmacht gedaan, als mede in de „ vervallene termynen.-van de icO millioenen aan „ de Franfche Republiek; — .of, byaldien de be„ tekening voor- de andere Gewesten opdien voet

door UL. niet mocht zyn gedaan, het welk wy „ byna niet kunnen ondjerftellen ; alsdan van de be. „ taling van dit Gewest op de gemelde petitiën van i« 1795-. op de verfcher.en termyneu der gemelde ,, ico millioenen , zoo veel zal worden overge„ bracht en gevalideerd op de quote van dit Ge,, west, in de begrooting van Co millioenen , als ,, de andere Gewesten, pro rato hunner quote, op „ de gemelde petitie enz. zyn ten achteren gebleven.

,, 3. Dat het geen de door. Ul:. in dit gewest te ,, doene heffing van 1 pCt meerder zoude mogen ,, rendeeren, dan tot het aebtcrwezen van hetzelve ,, op de 60 millioenen in efftcle, en volgends de

voorfchreveu berekening, bevonden zal worden ,, nodig te zyn, dat mérdere zal worden gevalideerd c 2 „ PP

Sluiten