Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

over de BELASTING. 355

waerde der landeryen zouden te boven gaan , tot den vorigen ftaat konden herfteld worden: want in zulke gevallen zouden de landen afgeftaan, en 't gemeene Land van zyn recht beroofd worden; waarom er in Holland wyslyk voorziening gedaan is, dat de landen niet afgeftaankunnen worden , dan onder zekere bepaalingen , welke 't niet onvoegzaam zal zyn kortlyk te ontvouwen.

Voor eerst, 't is niet geoorloofd van landeryen af te ftaan, ten zy alle de lasten tot op den dag van afftand toe betaald zyn; want daar fomtyds de landen wegens de toekomende lasten worden fpa geftoken ; zouden zy veel meer met den voet gefloten worden, wanneer de lasten van voorgaande jaren nog niet voldaan waren. Maar ten tweeden, de afftand van landeryen is niet toegeftaan aan hun, die nog andere en betere landeryen in 't zelvde Ambacht bezitten ; de reden is ligt te begrypen; want daar belastingen en tollen gelyklyk moeten gedragen worden, zoo is billyk, dat hy, die zeer goede landeryen bezit, cn "dezelve behouden wil, ook de flegtere met de lasten houde, dewyl hy van de goede landen overvloedige vruchten trekt. Uit deze verklaring vloeit voord, dat indien hy de goede landeryen te gelyk met de flegte ten behoeve der fchatkist wilde afftaan, hem zulks geoorloofd zy (34). Doch niet-tegenftaande deze bepaalingen, heeft de boosheid der . menfchen, de uitvindfter van listen en bedrog, de voorzichtigheid der Wetgeveren zoeken te loor te ftellen; want zy die onvruchtbare landeryen hadden, ftonden die af, en

ver-

(34) Refol' van Holl. 6. Maart 1751, Z 3

Sluiten