Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

2§ RU UWE SCHETS

hunne eigen waarde kennen — niet zo zeer door den lof van 't Publiek —- want dit mistrouwen ze nog — maar door eigen gevoel , eigen overtuiging — zodaanig, dat ze zich tot iets groots bekwaam zouden kennen, ook waar 't Heelal hun het tegendeel zwoer. Van hier de ondernemingen, de verbazende ondernemingen, van die voortreffelijke Geniën, die in hunnen leeftijd miskend en ongelezen bleven, die echter in weerwil eener waereld, die hunner onwaardig was , uitftekende werken te voorfchijn bragten , welke men na hunnen dood bewonderd en aangebeden heeft. Doch gaan wij nu over tot die werken zelve.

Men erkent de voortbrengfelcn der Genie aan hunne oorfpronglijkheid. Dichters die niets dan finaak bezitten, hoe kiesch die fmaak dan ook zijn moge, gelijken zich allen onderling. Wanneer zij het tot eene gelijke hoogte in hunne kunst gebragt hebben, zal men de verfen van den eenen volftrekt niet van die des anderen onderfcheiden kunnen — maar neem de werken van honderd Geniën in handen , elk hunner flaat op zijn' eigen grond, heeft iets dat hem alleen behoort, en zoodanig behoort, dat de waare Kunstkenner een enkel vers van 9-9.

nie

Sluiten