Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

20* IETS OVER DEN SMAAK DER

dag vond hij zich op nieuw tot den aanhoudenden arbeid van eene geheele week in ftaat. De Winkelier vond geen minder verkwikking in de eigen uitfpanning. Zijn kleen Tuintje was hem een Tempé. Indien hij de natuur maar genieten mogt, was hij voldaan, en geen arbeid viel hem te zwaar, zo dra 'er de gedachte aan een winst mede verbonden was , die hem zijn klein plekje gronds eene nieuwe bekoorlijkheid zou kunnen doen bijzetten. Mooglijk is er nimmer eene Natie geweest, die, naar heure grootte, meer van buitenplaatsen en hoven gehouden heeft, dan de onze; mooglijk is er geen Land op den aardbodem , daar naar evenredigheid meer buitenplaatzen en hoven in gevonden worden , dan in Nederland. Onder grooten en kleinen was 'er nooit een vermaak bij uitftek of 't moest op 't vrije veld genooten worden. De Zondag , bij gunstig, maar eenigzins gunstig weer, laat in Nederland nooit na de Steden te ontvolken, om de Velden met vrolijke en lagchende bewooners te verrijken.

Wat dunkt u nu, mijn Vriend! zou de Nederlander, in de copie andere voorwerpen Aanhangen, dan hij 't origineel bemint? Mag

hij

Sluiten