Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ii

Waarom mij de daar In liggende, heele, halve, en

driequarcs, papieren van waarde waren ? Om vef-

fcheiden, zeer goede, redenen, waar van No. i. zeker geen der geringften is: dat namentlijk eenigen van dezelven mij nog al de moeite fcheenen te verdienen, van afgefchreeven, gedrukt, in de Couranten aangeplakt, en fi tibi placet! gelezen te worden. (*)

Of ik in de overbrenging gelukkig ben geweest, zal uwe goedkeuring moeten uitwijzen; het zijn Juvenilia,

bedenk dit. Voords is het ecnigzinds nodig, dat

ik mij, als Uitgever, over den inhoud wat breeder uitlaaie.

Toen ik mij, meer bepaald, aan de Ernftiger Mufe toewijdde, was ik echter niet partijdig genoeg, om, op het gezicht der Gratiën, mijn hoofd omtekeeren, of den Cypriefchen Dichter zijnen verdienden Laau-

wer-

(*) Bevoegde Kunstrcgters keurden ze eener Griekfche hand waardig. Z. Bt iefi Me N. L. betref. Tb. 2. fag. 232. en Tb. 9. p. 161.

Sluiten