Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

<- 235 ->

Deze vraag moet fcy u natuurlyk opkomen, kinderen ; maar gy moet u vooreerst voorftellen, dat deze geheel dorre /treeken hier en daar met vruchtbaarer plekken worden afgewis-feld, alwaar de zwervende kudde, geduurende een' korten tyd overvloedig voedfel vindt; doch zodra dit verteerd is wederom andere weicien moet zoeken. Ten anderen doen de regens, die in den winter vallen, dezaaden der wilde planten uitbotten en het kreupelhout groeijen zy vormen zelfs moerasfen in de laagfte flreeken, die dan riet en gras voordbrengen, en aan de vlakte eene eenigzins groene gedaante geeven. De winter is dus hier het jaargetyde des overvloeds voor vee en menfchen; maar met het wederkeeren der hette verandert de aarde op nieuw mfyn grauw ftof en de planten in dorre en harde ftruiken , waarmede osfen, paarden, noch zelfs geiten ziah kunnen voeden. Men behoort hier, ten derden, nog by aantemerken, dat ook in de dorfte ilreeken, als in de woestyn van Suez en in het binnenfte van de groote woestyne, de Nayd geheeten, de zwervende ftammen zeer zwak en icbaarsch over *t land verfpreid zyn.

Nogthands zou de geheele woestyn genoegzaam onbewoonbaar wezen, indien de Voorzienigheid, die de aarde den kinderen der menfchen gegeeven heeft, hun niet op deze woeste plaatzen een zeer byzonder middel aangewèezen had, om ook daar te kunnen beftaan. Herinnert u, kinderen, dat wy u, eenigen tyd geleeden, beloofden iets naders wegens den kameel medetedeelen. (*) 't li dit dier t welk den Arabifchen Bedouin in ftaat fielt zich in de naarfle woestyn te onthouden, en geen, onder alle dieren, fchynt zo byzonder gefchikt voor de land- en lucbtflreek jner geboorte. De kameel, dpor den Schepper verör, dend om m een land te woonen, waarin hy weinig voedfel kan vinden, is, om zo te fpreeken, met eene voorbeeld-

C ) Z:e dn weekblad, No. 23- bUh. i79.

Gg 2

Sluiten