Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

34 Standhouding der Konsten, enz.

aanhoudende staatsverwisselingen zyn overgebleeven, denken zy al ligtlyk, dat zy altyd de zelfde geweest zyn.

Daar uit zyn de zo menigvuldige dwaaze gevoelens der ouden ontstaan , meenende , dat zy de aborigines waren van de landen , die zy van onheugelyke tyden af bewoond hadden: daar uit kreegen zy aanleiding om zo veelen van hunne goden de grondvesters van hunnen burgerstaat te maaken. Zy kenden maar zeer weinig van de waereld ; en de overlevering , die zy nog van dat weinige hadden, was zo vermengd met fabelen en verdichtzelen , dat dezelve tot niets anders hebben konnen dienen, dan om hen te verbysteren.

Deeze donkere wolk, door de zeer nauwkeurige, naarstige en getrouwe onderzoekers van deezen tyd , weggeschooven zynde, beginnen de historiën zelfs in deezen verren afstand des tyds, veel klaarder te worden ; de waereld word nu in eene geheel andere gedaante beschouwd ; en alle derzelver deelen geeven blyken, dat ze met elkanderen, en met den voorheen-welbekenden loop der dingen overeen komen. Wy vinden liet verwonderlyke in alle hunne geslachtlysten, byzonderlyk ten aanzien van het groote stuk der oudheid, op eene zeer uitspoorige wyze voorgesteld ; en tevens onze eigene eenvoudige berichten meer en meer beveiligd: waar uit wy dan ook kunnen overtuigd worden, dat beide de bevolking en bebouwing der aarde van kleine en geringe beginselen begonnen, en langs zekere trappen, als uit een eenig middelpunt, verspreid geworden zyn : en dat dezelve altyd , in omtrent gelyke langsaam geregelde schreden, als tegenwoordig, voortgegaan zyn.

Voor en alëer de menschen tot eenig onderzoek komen, zullen zy zich ligtelyk verbeelden, zeker getal vry grooter te zyn, dan het weezenlyk is. Dikwyls heb ik deezen en geenen verzocht om eens te gissen, hoe veele menschen 'er in eene regte linie, tusschen den thans regeerenden Koning van Engeland en Adam geweest zyn, meenende alleen maar

één

Sluiten