is toegevoegd aan uw favorieten.

Algemeene oefenschoole van konsten en weetenschappen. Zesde afdeling. Behelzende mengelwerk van vernuft, konst, geleerdheid, enz.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE WAARE WYSBEGEERTE BEVORDERT GEENZINS HET ONGELOOF.

'k Zou, als met gouden zonnestraalen, Den lof der schoone Wiskunst maalen ,

Met haar Gezustren hoog geacht,

Zo 't my maar niet ontbrak aan magt.

Myn ziel, heeft u haar glans bekoord ?

Streef rustig in uwe oefning voort:Doch hoe ge u met haar moogt vermaaken, Wil de Openbaaring nooit verzaaken.

De voortreflykheid en waardy van eene weetenschap is gelegen, in de voordeelen welke zy de Maatschappy aanbrengt , en in de goede indrukzelen die zy op het verstand en het hart van haare beoeffenaars maakt.

Indien de menschen altoos overeenkomstig met hunne goede beginzelen handelden, en hunne verkreegene gaaven standvastig tot de uitmuntendste einden inrigtten, dan behoefden wy, om over de voortreflykheid eener weetenschap te oordeelen, niets meer te doen, dan op het gedrag van haare begunstigers te letten. Maar de ondervinding leert ons van dezen regel aftegaan. Zy doet ons opmerken, dat de ééne waarheid zomwyle verkeerdelyk gebezigt wordt , om waare het mogelyk de andere, die geen minder eerbied verdiende, omvertestooten; en noopt ons dus, om de vooroordeelen en misbruiken der menschen in opmerking te neemen, en liever uit den aart der dingen zelve te oordeelen , ten einde de waarheid van haaren verlichten kant te beschouwen.

De ongeloovigen wenden voor den Godsdienst te verwerpen, om dat denzelven voor hunnen Wysgeerigen geest te laag, te verachtelyk is: terwyl de al te onbe

VI. Afd. XIV. DEEL. Ff dagte