is toegevoegd aan uw favorieten.

De Geuzen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VIERDE ZANG. 3£

Zo vloeide, Achilles! toen de Atrieden,

Verblind door hunne Legerkracht, Zelfs wilden over u gebieden,

Die nimmer boogt voor overmacht, — Zo vloeide een Ifroom langs uwe wangen, En Heilaas heir, met fchrik bevangen,

En fiddrend op uw' toornegloed, Verlangde, dat in Priams zalen De wraak en 't vuur mocht nederdalen-

Van uwen felgetergden moed.

Mijn vriend, zegt Blois, wij durven hopen! —

En, fchoon uw raad ons 't licht benam, Mag Hechts ons bloed de vrijheid koopea

Voor d'Adeldom en Amfterdam! Aldus, bij Salamis verfcherten, Behield de Vriendfchap eens Athenen,

En met Athenen Griekenland. Door Aristides wijs beraden, Th'emistocles heldhafte daden,

6 Vrijheid! braakt ge uit Xerxes hand.

C a Men

\