is toegevoegd aan uw favorieten.

Verhandelingen, uitgegeeven door de Nederlandsche Maatschappij: tot nut van't algemeen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 134 )

10, en/. Rom XII. itf, 2 Cor. VII. 6, fac t; o, IV. ö, i Petri V. 5. ,/w,v

§. 4. * Waar geluk wordt bier in de zemeen.

J'cbap met God gefield.

Daar alle menfchen eene begeerte hebben, om gelukkig te zijn, en het daarom de al2eI meene yraag is, wie zal ons het goede doen zien ? daar de Heidenen dit zogten in wellusten, of m goederen, in de eer der Waereld of de uitdoovinge der menschlijkheid, in wiis*. heid of iD deugd (b); daar leeren wii in her Oude en Nieuwe Verbond, dat hij die Gon heeft, alles bezit! Dit is de roem en troostdier fchrijvers, de Heere is- bet deel mijner erve en mijns bekers (c): bezwijkt mijn vleescb enbart zo is God de rotsfleen mijns harten, en miin deel m eeuwigheid (d). J

De dringredenen zijn hier, dat men een welgevallen van den Heere trekke fe): wordt iemand door begeerte naar gewin gedreeven hier leert hij dat het in God is (f); zoekt hii ver. maak, hetisin God (s); eV&r^gffi veeren ook iemand moge bewogen worden, hii zal verzadiging vinden in God, in Zijnen dienst naar deeze leere, als daar zijn huizen" akke s en bloedverwanten, (b) throonen CO.kro"

«enf *), ov'erwmningenenGeraadenCn Vorllendommen en Koningrijken (m); Woon nu

(b) Hand. XVII. 18. (c) Pf. XVI. 5

J % l PAJr.XXJ 25, 26,28. (O Spreuk VIII. 33. (ƒ) 1 firn. VI. 6, cap. IV. 3.

(g) Pf- XVI. 11 , Matth. XXV. 10.

(h) Mare X.30. (/) Luc.XXü. 30. (*) 1 Petri V. 4. (/) Openb. III. 5. W Lut. XIX. 17, j8, ,0, Op. XXII. 5,