Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

woone middelen, om de kinderen tot fpaarzaamheid en netheid, gelijk ook tot andere deugden op te leiden, zijn, het voorbeeld en de raadgeevingen van den meester, naauwkeuri"opzicht, goedkeurig van goed, berisping van kwaad gedrag.

§• 22.

Ontdekt men in hun gierigheid, dien wortel van alle kwaad, deze ondeugd trachte men door redenkaveling te boven te komen; de ouders moeten hier, gelijk in veele andere gevalien, met den meester te famen arbeiden , zonder dit is het werk vruchteloos: — men moet hun de regte waarde der dingen doen opmerken; hun beduiden, dat de rijkdommen geene kragtige opmerkingen, geene ernftige bekommering waardig zijn; dat zij fpaarzaam moeten zijn, zonder die deugd tot een mantel voor de gierigheid te maaken. —- Zijn zij onrechtvaardig, verrijken zij zich met het goed van anderen, men behandele hen met groote verontwaardiging : zij zullen, overtuigd zijnde , doorgands geredelijk tot teruggeeving willen overgaan; maar men belette zulks , en noodzaake hen , dit onrechtvaardig verkreegen goed eenigen tijd te moeten behouden; dit zaUiun dan tot eenen last vallen, en fomtijds in ftaat zijn, zoo deze ondeugd geene wortelen heeft gefchooten, om 'er hen in het toekomende voor te bewaaren.

§• 23.

De kinderen worden het best tot rechtvaardigheid opgeleid, door het voorbeeld van den meester; dit is het fterkfle middel. — Gij allen die met kinderen omgaat, en bijzonder

gij

Sluiten