Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Os)

Overéénbrenging van deeze pligten, met geenen; bevordering des eenen dóór den anderen , is zijne ftudie; de deugd is het ftandvastig fierfel van zijn effenbaar gedrag; in de meêr geringere, even als in de hoogstwigtige toeftanden zijnes levens, bij het afleidende der waereld , zo wel als in zijne ftille afzondering, houdt hij zijne inwendige getuige wakker, en tot de vraagbaak waar naar hij blijft hooren. Opgeruimd van ziel, is hij., niec minder in zijne bézige ftonden, dan bij zijne peinzende nagedachten; aangenaam , daar door, voor de zijnen; moedvattend bij onfpoeden , die uiterlijk mogen fchaden, maar inwendige verwijtingen, zelfsverwenfching of wanhoop knaagen en verderven kunnen. Dezelfde regelen van beftuur, wijzen hem den nieuwen en verderen weg aan; daar op treedt hij blijmoedig voort; en hoe ook zijn lot zij, zijn uitgang is zalig, om dat hij de Orde voor immer lief had, en haare uirwerkfelen niet vrugtloos begeerde. — Hij, dien ik hier tekende, is, in het dagelijks leven, de man van Orde ; en zonder die Orde, voorzeker, is 'er geen Geluk. Plaatst hem nu in den geest voor u. Ziet hem in de afdeeling van zijnen tijd oplettend bezig, hoe hij bier door, elk ontwerp volvoert; hoe hij eene taak, waar' onder de meesten zuchtend zouden, meenen te bezwijken, gemaklijk en volkomen afwerkt; en, bij de uitgebreidfte betrekkingen, niet onafgedaan laat. Hoort hem., hoe hij met eerbied van dien tijd fpreekt, als die in de eeuwigheid nog veel meêr dan B 4 hier

Sluiten