Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( 18 )

welgemanierd enz. te zijn, zoo blijft'er ook geen twijffel overig, of het zelve is niet alleen vergenoegd en gelukkig voor zich zelven, maar ook aangenaam en behaaglijk bij zijne medefchepzelen.

Eindelijk, onder alle zaaken, die een liefhebbend ouder ter harte moeten gaan, is 'er nog eene van zulk een alleruiterst aanbelang, dat ik mij zoude moeten fchaamen, om daar van niet te fpreeken; het is, naamlijk, een hoofdpligt om het kind met zijnen oorfprong bekend te maaken. Doch in d'e openbaaring is vooral voorzigtigheid van noodenrvan den aanleg hier in hangt zeer veel af; deeze beflist vaak voor altoos, of het fchepzel de vei heven Godheid waardiglijk zal kennen en aan haare oogmerken, naar vermogen, beantwoorden : daarom dan ook behoore een jechtfchapen ouder zich hier inzonderheid naar de vatbaarheid van het kind te fchikken , beginnende met allereerst uit het rijk der Natuur de Godheid te leeren kennen. Hier in is immers onderwijs genoeg te vinden. Kan men een oog in het ronde Haan, zonder overal en in alles het beftaan van e n almagtig Weezen te ontdekken V 'Er beftaat niets , waar in men geene leering vinden zal. Men beginne dan ook aldus God te leeren kennen; zoo zal het kind zuivere begrippen verkrijgen en in ftaat gefteld worden, om eenmaal iets meer te weeten. Dat men derhal ven eerst daarna van eene Goddelijke [openbaaring fpreeke ! Ja, mijne Toehoo reis ! het is maar al te waar, dat, wanneer ouders dezelve openbaaring te ontijdig ontdekt»

Sluiten