Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 38 )

moeten voorhouden , welke eene gefteldheid van ziele timoleon , de belanglooze veriosfer van zijn vaderland en van Sicilië», bezat , toen hij, door braafheid, moed en wijsheid, een geheel land aan de overheerfching, aan de zedenloosheid, aan het geweld, aari den moordlust en aan den krijg ontrukte, en aan een welgeordend beltuur, aan de waare yrijheid, aan de welvaart en aan den vreede ? wedergaf (25). Dan zouden wij van zoo veele Romeinen moeten fpreeken, die, in verfchillende tijden , het voorbeeld en het fieraad waren van dien achtbaaren Raad van Rome, welke eenmaal in deoosrenvan den zendeling eenes konings eene vergadering van koningen fcheen (26). Dan zouden wij, bij zoo veele naamen der oudheid, bij dien van valerius, bij dien van s c 1 p 10 , bij dien van solon en aristides, den naam moeten voegen van sullij, welke, aan deeze gelijk , door zijne nooit bezweeken rechtfchapenheid,zich de waarevriendfchap van eenen goeden vorst, en de liefde van een dankbaar volk heeft waardig gemaakt (27). Maar dan Ook zouden wij, met geen minder deelneeming , moeten gewaagen van de onbezoedelde deugd, den moed,het verheeven ftaatsbeleid,en bijna alles omvattend vernuft, welke bij zoo veele Nederlandfche mannen van vroegere dagen, in hunne ftandvastigheid van geest, hun fteunpunt vonden. ; Het voegt den Gefchiedfchrijvcr , alle die beroemde naamen optetellen, en met hunne daaden aan de volgende eeuwen overtebrengen. Hier gevoelt zich de Redenaar beneden den

Sluiten