is toegevoegd aan uw favorieten.

Leerredenen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

(69)

De Heere wil zeggen, • gymoet immers over-

tuigd zyn, dat er, behalven het geen ik reeds aan mynen Wyngaard gedaan heb,niets meer aan hem te doen is. En zoo ziet deze vrage en op het voorledene en op het toekomende; en geeft te kennen, dat de Heere, voorheen, alles, wat ter verwachting van goede vruchten te doen was , gedaan had, en, in 't toekomende, daar niets meer aan doen kon, maar hem moest laten varen.

Doch om dit te beter te verftaan, moeten wy het een weinig nader van eenen Wyngaard en van het geen er door afgebeeld wordt uitleggen.

Aan eenen Wyngaard is niet meer te doen, om vruchten er van te krygen, wanneer alles, wat daar toe noodig en nuttig is, in 't werk gefteld is, en het zoo blykt, dat het noch aan den grond, noch aan de veiligheid, noch aan de bearbeiding van den wyngaard, maar aan de wynftokken hapert, dat men er geen goede vrucht van krygt, om dat die niet zyn het geen zy fchynen, maar ondeugende planten, ongefchikt en onwaardig zulk eenen grond en zoo vele moeite: in welk geval men die uitroeien moet.

Houdt men nu dit, waarop de Profeet doelt, in 't oog, zoo is deze overtuigende vrage zeer gemakkelyk vanhet oüdeVolk,het welk,gelyk eenWyngaard, goede vruchten moest voordbrengen, door het doen van ware goede werken ,te verftaan.

Aan dat beminde volk, had de Heere, door zynen Zoon, alles gedaan wat tot hunne verbetering en opwekking tot goede werken noodigen nuttig was. — Boven het onderwys der reden, had hy hun de voortreffelykheden zyner wet voorgefchreven , hen geleerd wat hun nut was en geleid op den weg dien zy F 3 gaan