Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ABRAHAM BLANKAART. <i%)

neen; om zich zelf honig om den mond te fmee« ren, door te toonen, dat hy magt had , over een knaap, die hem heel gemakkelyk als een Pakje goed onder zyn arm zou kunnen wegmoffelen.

* * *

Ten Vervolge.

Daar heb ik hem van de Week weer oud beeÊ gehad! Hy had weer, wie weet hoe veel, aan Pieter te belasten. Breng my dit, haal my dat!'4 Ik hoorde het toen, als niet hoorende 5 maar aan de maaltyd zittende, zcide ik: zeg eens, Hein, ,, hebt gy al aan uw Vader en Moeder gefchreeven, dat gy een knegt houdt? Hoe veel wint hy? Wat was, als ik het vraagen mag, zyn

huurpenning?" ,, Ik, myn Heer! " —•

Gy, Jongetje; hoe, heb ik u voor een uur niet nooren orders geeven , en orders herhaalen te« ., gen uw knegt?" »— Hy begreep my, maar zei: ,, ik heb gedagt, Groot Papa , dat ik over ., uw knegt wel eens mogt disponeeren , om dat ,, ik by u in huis woon." — En ik heb ge,s dagt, en denk het nog, dat myn knegt, op uw beleefd verzoek, u niets mag weigeren, 't ,, welk gy noodig hebt, en gy u zelf niet bezorti gen kunt. Maar vermids gy over Pieter den „ Heer fpeelt, fta ik hem een geheel half jaar aan

u

Sluiten