is toegevoegd aan uw favorieten.

Kort begrip der algemeene geschiedenis. Voor jonge lieden.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

384 hoofd'd. Oude gefchiedenis. ix boek.;

hij was niet alleen een zeer bekwaam veldheer , maar ook in verfcheidene vakken der krijgskunde veel meer bedreeven , dan zij,* Daarentegen had hij ook het gebrek , dat hij altoos naar veroveringen van vreemde landen dond, niettegendaande hij voor zijn gantfche leeven overgenoeg werk zou hebben gevonden, om, gelijk zijn eerde en onvermijdlijke pligt was, alleen zijn eigen land wijslijk te beduuren. Cineas, zijn vertrouwde raadsman, verweet hem eens deeze noodlooze oorlogszucht op eene befchaamende Wijze. Pijrrhus , toen juist voorneemens om te velde te trekken , noemde hem, op zijn vragen , verfcheidene Volken na eikanderen op , welken hij wilde beoorlogen en overweldigen. „ Als wij nu* vroeg Cineas verder, alle deeze Volken overwonnen hebben , wat zullen wij dan beginnen?" „ O! riep Pijrrhus uit, dan zullen wij onzen tijd in rust, en met loutere vermaaken doorbrengen." Daarop zeide deeze wijze raadsman tot zijnen koning: „ wat belet ons dan, om van deezen dag af zoo gerust en vergenoegd te leeven, zonder ons eerst, gcduurende een aantal jaaren, aan zoo veele gevaaren en moeijelijkheden bloot te dellen, welke wij nu zoo gemaklijk kunnen ontwijken." Op deeze vraag konde Pijrrhus niets met grond antwoorden ; maar zijn eergierige en onrustige geest behield, echter, de overhand. In den oorlog met de Romeinen was hij , in den beginne, vrij gelukkig. Hunne

paar-