Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Van het jaar 1648 tot 1787 na de geb. van C.

480 II hoofdd. Nieuwe gefchieden. vin boek,

vijftig jaaren vroeger een hoofdzaaklijke verbetering van Godsdienst en geleerdheid van Duitschland naar Frankrijk was overgegaan; doch ThÖmasius leerde in een bijzonder gefchrift, hoe men de Franfchen in het gemeene leeven moest navolgen. Hij volgde zelf de gegeevene lesfen, door over de weetenfehappen in het Duitsch te fchrijven, en in deeze zelfde taal op de hooge fchool te onderwijzen. Tot hiertoe was zulks nooit anders dan in het Latijn gefchied; doch ook deeze taal was door de, in dien tijd nog heerfchende, duistere en twistgierige wijsbegeerte half verbasterd. Hij voerde dus in de voorlcezingen op de hooge fchoolen het gebruik van het Duitfch nevens het Latijn in, opdat de Duitfche jeugd nu en dan leeren mogt zich ook in de eerfte taal, in vervolg van tijd, voor iederëen verfhanbaar en inneemend uittedrukken. Daardoor bevorderde hij tevens het algemeener gebruik dier taal, waarvan, echter, het gevolg was, dat de kennis van het Latijn allengskens in Duitschland eenigzins begon aftenemen. Daarenboven viel T110sviasius de reeds gemelde wijsbegeerte aan, en met dezelve ook de te bepaalde en flaaffche denkwijze der Duitfchers'. beiden met het allergewenschtfte gevolg. Immers hij ontrukte niet flechts der Aristotelisch-fchoolfche wijsbegeerte haare heerfchappij over de Duitfche hervormden; maar handhaafde ook voor hun op nieuw die vrijheid van denken, leeren en fchrijven, welke zij zelve reeds te

vóó-

Sluiten