is toegevoegd aan uw favorieten.

Neerlands heldendaaden ter zee.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tegens PR. ROBERT'en M.ONK. 533

tyds, met twee Branders, op zyne zyde, welke hem zeker zouden aangefleeken hebben, indien niet de Admiraal askue, thans van a*le hulp ontbloot, cn zonder eenige hoope van gered te zullen worden, de Admiraals vlag hadt doen flryken, en zich ter overgave aangebooden. De Branders, die reeds naby het fchip gekomen waren, wierden derhalven, ingevolge het Sein, daar toe van den Heer Tromp gegeeven, verpligt af te houden. Ook wierdt de Heer jacob philifszoon, Kapitein op het fchip van den Schout by nacht sweers, met eenige manfehap, afgezonden om den Admiraal askue benevens zyne Officieren en den Predikant af te haaien, en op het fchip Gouda over te brengen. IVlen ligtte vervolgens alle de Engelichen van het,fchip, en bracht deeze gevangenen met Galjooten aan de Nederlandfche fchepen, waar op zy vercccld wierden. Met grooten weerzin zagen zich de Engelfchen dus gevangelyk medevoeren, waarom zom« migen,die men in de Galjooten deedt overgaan, door * de geichutgaten weder in 't fchip kroopen, tot dat men eindelyk het gefchut binnen boord haalde, en de gaten toemaakte.

Ondertusfchen was de Admiraal de ruiter, die zich wel in ly, maar altoos digt by de Vloot gehouden hadt, wederom in dezelve gekomen, zynde zyn fchip nu herfteid. De Heer van nes trok hierom zyne wimpel weer in , welke de Heer de ruiter op nieuws waayen liet. Niet lang hier na raakte het fchip van den Heer askue weder vlot, doch de Heer de ruiter, oordeelende dat het dc NederVv v 3 land-