Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

xxxvi FOORREDEN.

over zoo veelen, in DuitschJand, en elders, geklaagd hebben; dezen heb ik, veelal, behouden , ten minften daar, waar ik meende, dat, door het fmeeden van nieuwe ho'landfche woorden, de duidelykheid , welke altyd het hoofddoel eenes fchryvers behoort te wezen, zoude benadeeld worden. Een ieder gevoelt ligtlyk, hoe tnoeilyk het zy, gefchikte woorden, voor elk denkbeeld en begrip , te vinden; H welk, egter, gelyk Condoreet te regt aanmerkt (*), eene der voornaamfie grondzuilen van goede wysgeerte ü, welke men aan anderen zal mededeelen. De woorden, door Kan r gebruikt, zyn, gewis, zeer bekwaam, sltlcen zyn de zeiven — ten minften gedeeltlyk — voor de genen, die in de ge. leerde talen geheel vreemdelingen zyn, eenigzins, zwaar om te ver/laan. Deze zwartheid heb ik getragt te verhelpen, door omfchryving, nadere toelich. ting, of, zo ik een goed hollandsch woord tuist, door hetzelve in plaats te ftellen.

Foords wensch ik hart lyk, dat dit werk ft rekken moge, om ook onze Natie, voor zoo verre zy nog tyd en lust heeft, te doen bekend worden met eene Wysgeerte, welke, in het naburige Duitschland , in den hoogften zin, epoque maakt, en, als eene echte vriendin van den Godsdienst, den weg baant tot een reden lyk geloof, ontbloot van alle eigenlylce kennis der voorzuerpen: welk geloof — wat ook Atheïsten , en Xwjfelaars zeggen mogen — wy menfehen, in de tegenwoor-

di.

(*) Esquisfe df un tableau hifiorique des progrès elefefprit humain p, ïo.

Sluiten